De opstand
In 1566 richten ontevreden protestanten vernielingen aan in talloze katholieke kerken. Deze zogeheten beeldenstorm verspreidt zich vanuit Vlaanderen naar de andere Nederlandse gewesten. Philips II besluit militair in te grijpen. Willem van Oranje wijkt uit naar het gebied van de Nassaus en redt daarmee zijn leven.
Maar de opstand in de Noordelijke Nederlanden gaat door. Willem van Oranje geeft vanaf 1572 met wisselend succes leiding aan die vrijheidsstrijd. Hiermee legt hij de basis voor de band tussen Nederland en het Huis Oranje-Nassau. Drie broers van Prins Willem sneuvelen bij militaire acties.
Zijn broer, Graaf Jan de Oude, is enige tijd stadhouder in Gelderland. Hij neemt het initiatief tot de Unie van Utrecht. Daarin gaan de zeven noordelijke gewesten een oorlogsverbond aan tegen Philips II.