Een Koninklijk Paleis
Na de val van Koning Lodewijk Napoleon keert erfprins Willem in 1813 terug uit Engeland.
In de Nederlanden wordt hij uitgeroepen tot soeverein vorst. In de Grondwet wordt vastgelegd dat aan de Koning een zomer- en een winterverblijf ter beschikking moeten worden gesteld door de Staat. Eerst wordt overwogen een nieuw winterpaleis te laten bouwen. Maar uiteindelijk wordt besloten tot een grondige verbouwing van het Oude Hof, zoals Paleis Noordeinde dan nog wordt genoemd.
In 1817 wordt Paleis Noordeinde in gebruik genomen door Koning Willem I. Tot zijn troonsafstand in 1840 woont hij op het paleis. Zijn opvolger, Koning Willem II, maakt geen gebruik van het paleis.
Koning Willem III gebruikt Paleis Noordeinde net als zijn grootvader als winterpaleis. Hij heeft wel een voorkeur voor zijn zomerpaleis Het Loo in Apeldoorn. In 1876 geeft hij opdracht tot de bouw van de Koninklijke Stallen in de Paleistuin van Noordeinde.
Ook na het huwelijk van Koning Willem III met Koningin Emma blijft het Paleis als winterpaleis in gebruik. Hun dochter, Prinses Wilhelmina, wordt in 1880 op Noordeinde geboren. Na het overlijden van Koning Willem III in 1890 blijven Koningin Emma en haar dochter Noordeinde als winterresidentie gebruiken. In 1895 geeft de Regentes de opdracht tot de bouw van het Koninklijk Huisarchief in de tuin van het Paleis.