Verenigde vergadering

Tegen half één komen de leden van de Eerste en Tweede Kamer de Ridderzaal binnen. Zij zitten direct tegenover de troon en vervolgens verdeeld over het rechter- en linkervak. De ministers en de staatssecretarissen nemen links van de troon plaats. Achter hen zitten de leden van de Raad van State, het belangrijkste adviescollege van de regering. Deze aanwezigen bevinden zich binnen de zogeheten enceinte, die gemarkeerd is met een eenvoudige houten afscheiding. Binnen deze symbolische afscheiding 'vergadert' het parlement. Buiten de afscheiding is plaats voor de andere Hoge Colleges van Staat, hoge ambtenaren, vlag- en opperofficieren, leden van de hoge rechterlijke macht, de Commissaris van de Koning in de provincie Zuid-Holland, de burgemeester van Den Haag, ambassadeurs, bijzondere vertegenwoordigers en speciale genodigden.

De voorzitter van de Eerste Kamer is voorzitter van de Verenigde Vergadering. Even voor één uur opent deze de vergadering. Vervolgens benoemt de voorzitter een aantal Kamerleden als Commissie van In- en uitgeleide voor de Koning en zijn gevolg. Deze commissie ontvangt de Koning en de leden van het Koninklijk Huis bij de ingang van de Ridderzaal. De voorzitter van de Verenigde Vergadering kondigt vervolgens de komst van het staatshoofd aan. Dat is voor de aanwezigen een teken om op te staan, waarop de leden van het Koninklijk Huis de Ridderzaal betreden. De Koning en Koningin nemen plaats op de troon en de andere leden van het Koninklijk Huis gaan rechts van de troon zitten. De adjudant-generaal en de andere aanwezige adjudanten zitten links van de troon, de Grootmeester en Grootmeesteres en de overige leden van de hofhouding rechts. Dan spreekt de Koning de Troonrede uit.

Den Haag, 17 september 2013: Koning Willem-Alexander spreekt – in aanwezigheid van Koningin Máxima - de Troonrede uit © ANP, foto: Lex van Lieshout

Na de laatste woorden van de Koning roept de voorzitter: 'Leve de Koning'. De aanwezigen reageren daarop met een driewerf 'hoera'. De Commissie van In- Uitgeleide doet de Koning en de leden van het Koninklijk Huis uitgeleide naar een zijkamer van de Ridderzaal. Daarna sluit de voorzitter de Verenigde Vergadering. Als de Koning de Ridderzaal verlaat, staat de Gouden Koets weer gereed. Deze rijdt vervolgens langs dezelfde route terug naar Paleis Noordeinde.

De Koning en de leden van het Koninklijk Huis die aanwezig zijn geweest bij het uitspreken van de Troonrede, verschijnen na terugkeer kort op het balkon aan de voorzijde van Paleis Noordeinde.

Tradities

De uitroep 'Leve de Koning(in)' na het uitspreken van de Troonrede werd in 1897 spontaan geïntroduceerd door het Tweede Kamerlid J.H. Donner. Collega's namen de uitroep later over van Donner. Sinds 1946 is het traditie dat de voorzitter van de Verenigde Vergadering de uitroep aanheft.

De Koning nodigt op Prinsjesdag een groep mensen uit de Nederlandse samenleving uit om de dag mee te maken op Paleis Noordeinde. De genodigden van de Koning nemen samen met de hofhouding plaats op de tribune onder de colonnade (zuilengalerij) op het voorplein van het paleis. Zij kunnen daar het vertrek van de Koninklijke Stoet naar het Binnenhof goed zien. De rest van de rijtoer en de Troonrede kunnen de genodigden in het paleis via de televisie volgen.

De kleding en de hoeden van de (vrouwelijke) leden van het Koninklijk Huis is een veel besproken onderwerp. VVD-kamerlid Erica Terpstra droeg in 1977 voor het eerst een hoed in de Ridderzaal tijdens het uitspreken van de Troonrede. Sindsdien zijn er veel vrouwen in de Ridderzaal aanwezig met een al dan niet opvallende hoed. De hoeden van de genodigden in de Ridderzaal zijn ook vaak onderwerp van gesprek tijdens Prinsjesdag.