Geloofsbrieven

Geloofsbrieven zijn twee documenten van een buitenlands staatshoofd, die een ambassadeur na diens aanstelling aan de Koning aanbiedt. De minister van Buitenlandse Zaken is hierbij aanwezig.

In de eerste brief staat dat de voorganger van de ambassadeur teruggeroepen is. Uit de tweede brief blijkt dat de diplomaat gemachtigd is om namens zijn staatshoofd of regering te spreken. Deze brief bevestigt ook de goede relaties tussen beide landen.

Kort na hun aankomst in Nederland ontvangt de Koning de nieuwe ambassadeurs op Paleis Noordeinde. Dat gaat gepaard met het nodige ceremonieel. Zo wordt onderstreept dat ons land de betrekkingen met het buitenland op het hoogste niveau respecteert. De ambassadeurs worden opgehaald met een galarijtuig, getrokken door twee paarden bij hun residentie in Den Haag of bij hun hotel, wanneer de ambassadeur in het buitenland resideert. Bij Paleis Noordeinde worden zij opgewacht door een erewacht en een militaire kapel. Na een eresaluut en het spelen van het volkslied van het land van de ambassadeur, volgt een inspectie van de erewacht. In het paleis overhandigt de ambassadeur twee geloofsbrieven aan de Koning. Daarna volgt een kort kennismakingsgesprek.

Het aanbieden van de geloofsbrieven is een gebruik dat stamt uit de late Middeleeuwen. Er is één brief waarmee de vorige ambassadeur wordt teruggeroepen en één brief waarmee de ambassadeur wordt benoemd als hoogste diplomatiek vertegenwoordiger van zijn land. Vanaf het moment dat de Koning de geloofsbrieven heeft aanvaard, is de nieuwe ambassadeur formeel in functie. De Nederlandse ambassadeurs krijgen een door de Koning getekende geloofsbrief mee om aan te bieden aan het staatshoofd van het land waar zij ambassadeur worden. In Nederland zijn 170 buitenlandse ambassadeurs geaccrediteerd.

Buitenlandse ambassadeurs die ons land definitief verlaten en langer dan drie jaar in functie zijn geweest, worden nog eenmaal ontvangen door de Koning, in een audiëntie of in een lunch.