Claus Prins der Nederlanden (1926-2002)

Prins Claus was getrouwd met Prinses Beatrix. Zij krijgen samen drie zonen: Willem-Alexander, Friso en Constantijn. Prins Claus is op 6 oktober 2002 te Amsterdam overleden.

Jeugd en studie

Claus van Amsberg werd op 6 september 1926 als zoon van Claus-Felix von Amsberg en Gosta von dem Bussche-Haddenhausen geboren op het landgoed van zijn moeders familie in Dötzingen (Hitzacker).

Zijn vader was van 1928 tot 1947 planter in Tanganjika (nu Tanzania). Van 1933 tot 1936 bezocht hij de lagere school in Bad Doberan en vervolgens een kostschool te Lushoto. Van 1938 tot 1943 volgde de Prins de middelbare schoolopleiding van het internaat Baltenschule te Misdroy, Pommeren. Van januari tot augustus 1943 bezocht hij de middelbare school te Bad Doberan en daarna werd hij tot januari 1944 ingezet als Marinehelfer in de buurt van Kiel. In januari 1944 werd de Prins opgeroepen voor de arbeidsdienst voor een periode van twee maanden. Deze vervulde hij in Königsberg/Neumark. Weer terug op de middelbare school werd hem in juli 1944 een (oorlogs)einddiploma uitgereikt

Militaire dienst

Meteen hierna werd hij opgeroepen voor militaire dienst. De Prins werd ingedeeld bij de reserve-pantserafdeling 6 in Neuruppin, waarbij hij tot maart 1945 ingedeeld bleef. In deze periode volgde hij gedurende drie maanden een opleiding aan de pantseropleidingsschool te Viborg (Denemarken).

In maart 1945 werd de Prins ingedeeld bij de negentigste pantserdivisie in Italië. Aan gevechtshandelingen nam hij echter niet meer deel: begin mei werd hij bij Merano door de Amerikanen krijgsgevangen gemaakt. In een kamp in Ghedi (bij Brescia) kreeg hij  werk als chauffeur en tolk. In september 1945 brachten de Amerikanen hem als tolk over naar het Amerikaanse kamp Latimer bij Amersham in Engeland. Na zijn ontslag uit het krijgsgevangenschap vestigde Prins Claus zich in december 1945 in Hitzacker.

Omdat het in de oorlog behaalde einddiploma van de middelbare school niet erkend werd, legde de Prins eind 1947 te Lüneburg opnieuw het eindexamen met goed gevolg af.

Studie en diplomatieke dienst

Omdat Prins Claus uitgeloot werd voor de studiewerktuigbouwkunde, werkte hij in 1948 bij een machinefabriek in Winsen/Luhe om te voldoen aan het voor deze studie vereiste praktijkjaar. Daarna besloot de Prins rechten te studeren aan de Universiteit van Hamburg bij de Faculteit der Rechten en Staatswetenschappen. Hij behaalde in 1952 het eerste staatsexamen (Referendar) en het tweede (Assessor) in 1956. Prins Claus trad begin 1957 in dienst van het West-Duitse ministerie van Buitenlandse Zaken. Hij slaagde in 1958 voor het diplomatieke examen (Attaché) van de Buitenlandse Dienst. Vervolgens was hij tot 1961 als ambassadesecretaris werkzaam op de Duitse ambassade te Ciudad Trujillo (thans Santo Domingo) in de Dominicaanse Republiek en tot 1963 te Abidjan, Ivoorkust. In Bonn was hij tot augustus 1965 werkzaam bij de sectie Economische Betrekkingen met Afrika ten zuiden van de Sahara op het ministerie van Buitenlandse Zaken.

Huwelijk en gezin

Prinses Beatrix en Claus vom Amsberg 1965 ©RVD

Op 28 juni 1965 werd de verloving van Claus van Amsberg met Prinses Beatrix bekend gemaakt, nadat prof. dr. L. de Jong op verzoek van de regering in een rapport had vastgesteld dat op zijn gedrag in de Tweede Wereldoorlog niets aan te merken was. De voor het huwelijk bij het parlement ingediende toestemmingswet werd in het najaar van 1965 door de Tweede en Eerste Kamer aangenomen. Op 10 december verkreeg Claus von Amsberg bij wet het Nederlanderschap.

Op 10 maart 1966 voltrok burgemeester Van Hall het huwelijk in het stadhuis van Amsterdam. De kerkelijke inzegening vond plaats in de Westerkerk door dominee H.J. Kater. De huwelijkspredicatie werd gehouden door dominee J.H. Sillevis Smitt.
Claus von Amsberg ontving bij deze gelegenheid de titel Prins der Nederlanden en het predicaat Jonkheer van Amsberg.

Prinses Beatrix en Prins Claus met kinderen, 1978

Het Prinselijk paar nam zijn intrek in Kasteel Drakensteyn in de Lage Vuursche. Uit het huwelijk van Prins Claus en Prinses Beatrix zijn drie zonen geboren: Willem-Alexander (1967), Friso (1968-2013) en Constantijn (1969).

Werkzaamheden tot 1980

Meteen na zijn komst in Nederland beijverde Prins Claus zich om zo snel mogelijk vertrouwd te raken met de Nederlandse taal en de Nederlandse samenleving in al haar geledingen. Samen besteedden de Prins en Prinses Beatrix veel tijd aan de opvoeding van hun jonge kinderen. Ook maakten zij in deze periode oriëntatiereizen naar Suriname en de Nederlandse Antillen en brachten zij bezoeken aan vele andere landen en internationale organisaties.

In deze periode had Prins Claus diverse werkterreinen, waarbij zijn bijzondere aandacht uitging naar ontwikkelingssamenwerking. De kennis en ervaring uit zijn diplomatieke loopbaan waren hem hierbij van nut. De Prins werd onder meer benoemd tot lid van de Nationale Adviesraad voor Ontwikkelingssamenwerking, tot lid van het Bureau van deze Raad, tot voorzitter van de Nationale Commissie voor de Ontwikkelingsstrategie 1970-1980, tot voorzitter van de Stichting Nederlandse Vrijwilligers en tot Bijzonder Adviseur van de minister voor Ontwikkelingssamenwerking. In deze functies bracht hij bezoeken aan de concentratielanden van het Nederlandse beleid, zoals India, Kenia, Sri Lanka, Tanzania en Zambia.

Prins naast de Koningin

Portretfoto Prins Claus

Op 30 april 1980 deed Koningin Juliana in het Koninklijk Paleis te Amsterdam afstand van de troon en volgde Prinses Beatrix haar moeder op als Koningin. Na de inhuldiging bezochten Koningin Beatrix en Prins Claus de Nederlandse Antillen en Aruba. Zij besteedden veel aandacht aan belangrijke gebeurtenissen in Nederland en stelden zich op de hoogte van de ontwikkelingen op sociaaleconomisch gebied en van wat er onder de bevolking leefde.

Bij zijn werkbezoeken legde Prins Claus accenten op het gebied van onder meer technologische vernieuwingen en muziek. Andere interessegebieden van de Prins waren de monumentenzorg, ruimtelijke ordening en de conservatie van natuur en milieu. Ook bracht hij vele bezoeken aan instellingen van openbaar nut, handels- en industriële bedrijven en landbouw- en visserijbedrijven.

Functies

In 1984 nam de Prins naast zijn Bijzonder Adviseurschap voor ontwikkelingssamenwerking een aantal nieuwe functies op zich: hij werd inspecteur-generaal Ontwikkelingssamenwerking, lid van de Raad van Commissarissen van De Nederlandsche Bank NV, lid van de Raad van Commissarissen van de Koninklijke PTT Nederland NV en voorzitter van het Export Platform Verkeer en Waterstaat. Prins Claus heeft in 1998 zijn commissariaten bij De Nederlandsche Bank NV en de Koninklijke PTT Nederland NV beëindigd in verband met het bereiken van de wettelijke leeftijdsgrens van 72 jaar.

Enkele andere functies die Prins Claus bekleedde, waren het erevoorzitterschap van de Stichting Nationaal Contact Monumenten en de Koning Willem I Stichting, en het beschermheerschap van het Koninklijk Concertgebouworkest en Scouting Nederland.

Ter gelegenheid van de zeventigste verjaardag van Prins Claus nam de Nederlandse regering het initiatief tot de oprichting van het Prins Claus Fonds voor cultuur en ontwikkeling. Doel van het Prins Claus Fonds is het vergroten van het inzicht in culturen en het bevorderen van de wisselwerking tussen cultuur en ontwikkeling. Prins Constantijn is erevoorzitter van het Fonds.