Toespraak van H.M. de Koningin ter gelegenheid van het staatsbezoek Turkije, Koninklijk Paleis Amsterdam

17 april 2012

De toespraak is uitgesproken in het Engels.

Mijnheer de President,

Het is mij een groot genoegen U en Mevrouw Gül in dit bijzondere jaar welkom te heten in Nederland. De verheugende aanleiding is de 400ste verjaardag van de diplomatieke betrekkingen tussen onze beide landen. Dit brengt ons in gedachten terug bij het jaar 1612, waarin de contacten tussen het Ottomaanse Rijk en Nederland al van een zodanig belang waren dat voor het eerst een Nederlandse gezant, Cornelis Hage, bij de Verheven Porte werd geaccrediteerd. De samenwerking tussen onze beide landen kreeg daarmee haar officiële erkenning. Onze gemeenschappelijke activiteit was toen de handel in de Middellandse Zee en de bescherming van onze belangen tegen de inmenging van andere grote mogendheden. De Directie van de Levantsche Handel, een belangrijke vereniging van Amsterdamse kooplieden uit die tijd, had haar kantoor in het oude stadhuis van Amsterdam, nu het paleis waar wij ons op dit moment bevinden. Het is opmerkelijk dat in de vierhonderd jaar die achter ons liggen, een periode waarin ons werelddeel zich uitputte in gewapende conflicten, de relaties tussen onze beide landen altijd vreedzaam zijn geweest. Dit is een extra reden om uitgebreid bij dit jubileum stil te staan en ons te verheugen over Uw bereidheid het belang hiervan met Uw staatsbezoek te benadrukken.

Onder de vlag van dit jubileum worden in Turkije en Nederland alleen al meer dan 300 culturele evenementen georganiseerd. o.a. op het gebied van de creatieve industrie, de muziek, het theater, de literatuur en de uitwisseling van kunstcollecties. Wij hopen daarmee de zichtbaarheid van elkaars cultuurschatten te vergroten en de samenwerking en uitwisseling op deze terreinen te intensiveren. Een mooi voorbeeld is dat op dit moment zowel in het Museum Boymans te Rotterdam als in het Bonnefantenmuseum te Maastricht moderne kunst uit Uw land wordt tentoongesteld.

Nederlanders weten in het algemeen niet veel over het moderne Turkije en ik zou mij kunnen voorstellen dat eveneens bij veel van Uw landgenoten de kennis over Nederland bescheiden is. Het grote aantal contacten, uitwisselingen en evenementen in dit jubileumjaar zal ruim de gelegenheid bieden elkaar beter te leren kennen en het beeld van de ander te toetsen aan de werkelijkheid van vandaag.

Mijnheer de President,

Turkije ziet terug op een groots verleden en speelt ook in de huidige tijd een belangrijke rol in de regio en in de wereld. Uw land is een stabiele factor in een roerig gebied waarin alom bestaande machten en verhoudingen worden aangevochten. Voor velen is Uw land een inspiratie en een voorbeeld. De invloedrijke positie van Turkije kent een lange geschiedenis die allengs heeft geleid tot grotere internationale betrokkenheid en allianties met andere landen. Uw land trad al vroeg toe tot de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie en staat daarin vanaf het begin bekend als een sterke en betrouwbare partner. Turkije is mede-oprichter van de OESO, actief lid van de Raad van Europa en de OVSE en kandidaat-lid van de Europese Unie. In internationaal verband speelt Uw land een actieve rol. Turkije neemt deel aan verschillende missies van de NAVO, zoals in Kosovo, voor de kust van Somalië en in Afghanistan. In de ISAF-missie hebben nog kort geleden Turkse militairen hun leven verloren.

Onze beide landen werken samen in verschillende internationale organisaties. Daarnaast voeren zij ook bilateraal politiek overleg, in de zogeheten Wittenburg-conferenties. Vorig jaar vond deze jaarlijkse vergadering plaats in Ankara, vorige maand nog in Rotterdam. Parallel hieraan zijn ambtelijke werkgroepen actief op terreinen als energie, migratie en integratie, antiterrorisme en culturele samenwerking. Deze frequente bijeenkomsten getuigen van veelzijdige en intensieve contacten tussen onze overheden.

De belangrijke positie die Turkije in de wereld inneemt wordt mede bepaald door zijn sterke en snel groeiende economie. Naast het oude vakmanschap en de traditionele landbouw kwam in recenter jaren vooral de moderne industrie op. Wie nu aan Turkije denkt, ziet jeugd en ondernemerschap. De jonge bevolking duidt er op dat Uw land ook de toekomst aan zijn zijde heeft. Iets van dat vaste vertrouwen in de toekomst heb ik mogen ervaren toen U mij tijdens mijn staatsbezoek in 2007 als Minister van Buitenlandse Zaken begeleidde naar Uw geboorteplaats Kayseri, waar ik een ontmoeting had met een representatieve groep succesvolle ondernemers, waaronder een groot aantal vrouwen. Het was een bijzondere dag waaraan ik met veel genoegen terugdenk.

De dynamiek van de Turkse economie heeft ook in ons land gevolgen. Het Nederlandse bedrijfsleven weet sinds vele jaren de weg naar Turkije te vinden, zowel de grote internationaal georiënteerde ondernemingen als ook kleine en middelgrote bedrijven. Zij worden aangetrokken door het gunstige investeringsklimaat en de groeiende, koopkrachtige consumentenmarkt. Bovendien wordt aan de Turkse economie bijgedragen door de grote aantallen toeristen uit ons land. Zij worden geïnspireerd door de vele verhalen over het rijke historische erfgoed, het prettige mediterrane klimaat en de legendarische Turkse gastvrijheid.

Omgekeerd hebben Uw landgenoten belangrijke bijdragen geleverd aan de Nederlandse economie. In de vroege jaren zestig van de vorige eeuw kwamen zij in groten getale naar Nederland om in de industrie te werken. Velen zijn gebleven en anderen zijn na hen gekomen. Ons land telt nu bijna vierhonderdduizend Turkse Nederlanders, verspreid over verschillende regio's en actief in allerlei sectoren van onze maatschappij. Hun ondernemerschap is een welkome bijdrage aan onze samenleving.

Een van de opvallende aspecten van onze eeuwenoude betrekkingen is de wetenschappelijke belangstelling die hier al sinds de zestiende eeuw bestaat voor de geschiedenis van Turkije en van de islam. De in onze universitaire bibliotheken verzamelde kennis van taal, godsdienst en cultuur van Uw land vormt een rijk gebied voor samenwerking en uitwisseling tussen Turkse en Nederlandse onderzoekers.

Mijnheer de President,

De relatie tussen Turkije en Nederland is niet beperkt gebleven tot interstatelijke contacten. Zij behelsde vanaf het begin ook uitwisseling van mensen, goederen en ideeën. Het is niet alleen een verhaal van staten en diplomaten, maar ook van nieuwsgierige reizigers, winstbeluste handelaren, geleerden, en kunstenaars. Dat maakt de geschiedenis van onze betrekkingen zo levendig en dit jubileum zozeer waard gevierd te worden.

Gaarne nodig ik alle aanwezigen uit met mij het glas te heffen op Uw gezondheid, Mijnheer de President, op die van Mevrouw Gül en op de gelukkige voortzetting van de eeuwenoude vriendschappelijke betrekkingen tussen het Turkse en het Nederlandse volk.