Zijne Koninklijke Hoogheid Prins Bernhard der Nederlanden, Regent van het Prins Bernhard Cultuurfonds, reikt vrijdag 20 juni in het Koninklijk Paleis te Amsterdam vier Zilveren Anjers uit. Dit jaar is de onderscheiding toegekend aan mevrouw M. de Visser-Ameling en de heren J.C.F. Eyck, drs. H.J.A.M. van Haaren en dr. K.A. van der Hucht. De onderscheiding wordt sinds 1950 jaarlijks toegekend aan maximaal vijf personen die zich vrijwillig en onbetaald hebben ingezet voor de cultuur of het natuurbehoud in Nederland, de Nederlandse Antillen en Aruba.

M. de Visser-Ameling (Rotterdam, 1929) uit Ridderkerk

Mevrouw De Visser zet zich al bijna dertig jaar in voor het behoud van fiets- en voetveren, sinds 1982 als voorzitter van de Vereniging Vrienden van de Voetveren. Zij heeft er mede voor gezorgd dat de kleine pontjes voor Nederland behouden blijven en dat verdwenen pontjes weer terugkomen. Het aantal pontjes is sinds de oprichting van de vereniging verdubbeld. Mevrouw De Visser werkt vanuit drie visies: behoud van het Nederlandse cultuurgoed, vanuit milieu-oogpunt en vanuit de ervaring dat sober leven plezierig is. Zij brengt verschillende spelers in het veld samen, zoals het fiets- en wandelplatform, de ANWB, Rover, gemeentebesturen, ambtenaren, etc. Mevrouw De Visser heeft er mede voor gezorgd dat Nederland er op een aantal plekken Hollands blijft uitzien.

J.C.F. Eyck (Heerlen, 1929) uit Wijlre

De heer Eyck werkt in de wereld van vernieuwende kunst en architectuur. Hij heeft op verschillende manieren de beeldende kunst en de architectuur ondersteund: als schepper van voorwaarden, als sponsor of financier, als adviseur en als samensteller van boeken en catalogi. Ook zet hij zich in voor jonge kunstenaars en heeft hij de totstandkoming van galeries ondersteund. De heer Eyck heeft zitting in landelijke en Limburgse stichtingen, zoals Stichting Limburgs Kunstbezit, Vereniging Rembrandt en Sikkens Foundation. De heer Eyck heeft een eigen museum. De museumvleugel 'Hedge House', in de tuin van zijn woonhuis, is toegankelijk voor publiek.

Drs. H.J.A.M. van Haaren (Herpen, 1930) uit Rotterdam

De verdiensten van de heer Van Haaren voor de beeldende kunst en vormgeving zijn divers. Naast zijn functie bij onder andere de Academie van Beeldende Kunsten te Rotterdam, was hij voorzitter van het bestuur van de Mondriaan Stichting en bestuurslid van het Nederlands Architectuurinstituut te Rotterdam. Ook vervulde de heer Van Haaren lidmaatschappen van besturen en commissies bij onder meer het Bedrijfsfonds voor de Pers, het Brabants Museum, de Stichting André Volten, de Rotterdamse Kunststichting en de Aankoopcommissie van het Rotterdamse Sophia Kinderziekenhuis.

Dr. K.A. van der Hucht (Nuth, 1946) uit Driebergen

De heer Van der Hucht heeft in 1983 de Stichting Indisch Thee- en Familie archief Van der Hucht c.s. opgericht. Dit archief, waaraan hij sinds de jaren zeventig heeft gewerkt, beslaat inmiddels veertien strekkende meter. De archiefstukken betreffen een groep Nederlands-Indische families en hun theeondernemingen, thans bekend als De heren van de thee, naar het boek van Hella S. Haasse. Ook heeft de heer Van der Hucht een beeldarchief van ongeveer twaalfhonderd foto's en tientallen films bijeengebracht. Het complete archief beslaat de periode 1800 - 1950. Het is de bedoeling het archief over enkele jaren in een publieke instelling onder te brengen. De heer Van der Hucht is behulpzaam geweest bij publicaties van Rob Nieuwenhuis, Hella S. Haasse, Tom van den Berge en Rob Visser.