Meneer De Graaf,

Heel graag wil ik als voorzitter van de Raad van State nog enkele woorden tegen u zeggen voordat u de gelegenheid krijgt om ons toe te spreken.

Zeven jaar en acht maanden was u vice-president van een van de oudste staatsorganen ter wereld en een van mijn belangrijkste adviseurs. We hebben elkaar goed leren kennen.

Onze persoonlijke contacten waren altijd plezierig en ik heb van nabij gezien met hoeveel overtuiging u uw werk deed. De manier waarop u uw rol vervulde was altijd weloverwogen, prikkelend en opbouwend.

U bood als vice-president houvast en bezinning in een turbulente tijd met heftige bewegingen en emoties in de politiek en in de samenleving. En dat is beslist geen geringe prestatie.

Als alles op drift lijkt te raken, dan komt de Raad van State extra onder druk te staan als hoogste algemene bestuursrechter en hoogste adviesorgaan van de regering. Het risico bestaat dat je wordt meegezogen door de storm. Dat de ‘tirannie van het hier en nu’ alle macht naar zich toe trekt, ten koste van het belang van behoorlijk bestuur op lange termijn.

Onder uw leiding heeft de Raad van State die risico’s onder ogen gezien én gepareerd.

De Raad van State is - gelukkig nog steeds - de koele hand op het verhitte voorhoofd van de samenleving. 

Onvermoeibaar hield u ons voor dat democratie en rechtsstaat niet los van elkaar verkrijgbaar zijn. Dat wetgeving goed gemotiveerd, consistent en uitvoerbaar moet zijn. En dat onafhankelijke instituties - zoals de Raad van State – geen hinderpalen zijn, maar hoekstenen van ons leven in vrijheid en gezamenlijkheid.

U pakt graag het podium om deze boodschap te verkondigen. En gelukkig bent u geen onheilsprofeet die ons inpepert dat vroeger alles beter was. Bij u geen defaitisme of angstzaaierij. U wijst juist op alle waarborgen die ons wéérbaar maken. Mits we die waarborgen blijven koesteren en onderhouden.

U bent een groot kunstliefhebber en een van uw favorieten is de beeldhouwer Alberto Giacometti. En ik moet zeggen: u heeft wel iets weg van zijn iconische figuren…

Lang en rijzig, uittorenend boven de hectiek van alledag.

Onafhankelijk, bedachtzaam, een tikje onderkoeld.

Sensitief.

Stevig met beide voeten op de grond.

Een denker zonder dikdoenerij.

U bent niet iemand die zich breed maakt en het licht wegneemt voor anderen. Bij u draait het om het collectief. Ieders inbreng is van waarde en wordt meegewogen. U denkt inclusief. Niet alleen binnen de Raad, ook in Koninkrijksverband!

Als vice-president toonde u bijzondere aandacht voor de Caribische delen van het Koninkrijk. Daarmee leverde u een belangrijke bijdrage aan onderling vertrouwen en begrip.

U bent een toonbeeld van nuance en zorgvuldigheid.

Als jurist weet u dat het recht niet altijd eenduidig is; twijfel hoort erbij.

Wikken en wegen wijzen de weg naar de waarheid.

Daarom bent u ook onaangenaam getroffen als de integriteit van de Raad in twijfel wordt getrokken en zijn werk politiek gemaakt wordt. Terecht! Laten we blijven beseffen hoe belangrijk Hoge Colleges van Staat als de Raad van State zijn! We zijn er samen verantwoordelijk voor deze instituten heel te houden! Een blik over onze grenzen volstaat om te zien wat er kan gebeuren als het gezag van onafhankelijke organen wordt ondermijnd. De toekomst van de democratische rechtsstaat wordt daarmee in de waagschaal gelegd. Het is spelen met vuur.

Uiteraard veronderstelt dit wél dat de Raad van State de hoogste eisen blijft stellen aan het eigen functioneren en zichzelf blijft onderwerpen aan kritische zelfreflectie. In de nasleep van de Toeslagenaffaire heeft de Raad bewezen hiertoe in staat te zijn.

Meneer De Graaf, u kunt terugkijken op een bewogen en vruchtbare periode als vice-president. U heeft de Raad zonder averij door woelige baren geleid.

Heel dierbare persoonlijke herinneringen delen we aan 8 december 2021, toen ik onze dochter mocht binnenleiden in de Raad van State. U bereidde haar een warm welkom, en daar willen de Koningin, de Prinses van Oranje en ik u hartelijk voor danken.

Voor u breekt nu een nieuwe levensfase aan, met meer tijd voor uw grote liefde: de literatuur.

“Lees elke dag iets moois”, houdt u de mensen om u heen voor.

Ik vernam dat u zélf ooit dichterlijke aspiraties had… wie weet wat er nog in het vat zit! We verwachten een bundel… of een boek…

Een van uw literaire helden is J.C. Bloem. Ik heb gezocht naar enkele passende regels van hem om u uit te luiden. Maar dat valt niet mee. Bloem dichtte vooral over levensmoede oude mannen die bij flakkerend kaarslicht eenzaam hun sterfelijkheid gedenken. Niet bepaald het beeld dat ik heb bij u.

Toch vond ik iets dat recht doet aan uw fantastische en actieve loopbaan.

Ik citeer de dichter:

Niet te verzoenen is het leven.

Ten einde is dit nog wellicht ’t meest:

Te kunnen zeggen: het is even

Tussen twee stilten luid geweest.

Meneer De Graaf, als dank voor alles wat u voor ons Koninkrijk heeft betekend, mag ik u tot slot ook een tastbaar bewijs van waardering geven.

Het doet mij groot genoegen u te benoemen tot Commandeur in de Orde van Oranje-Nassau.