Juni 2018

1 juni: Veredelaar

In 1938 begon Jan van der Knaap met het telen van groenten in Wateringen. Zijn zoon Nic maakte in de jaren zeventig de switch naar de sierteelt. Hij bouwde het bedrijf uit tot een internationaal georiënteerde kweker van anthuriumplanten en profileerde zich als veredelaar. Tachtig jaar na de oprichting staan kleinzonen Mark en Iwan, samen met commercieel directeur Marco van Herk, aan het hoofd van een florerende onderneming met een afzet in meer dan zeventig landen en bedrijven in Duitsland, Macedonië en China. Zijne Majesteit Koning Willem-Alexander kwam op 1 juni naar het kassencomplex in Bleiswijk om het jubileum mee te vieren.

Anthura is gespecialiseerd in het opkweken van jong plantmateriaal (niet alleen anthurium, maar ook orchideeën) dat zijn weg vindt naar telers over de hele wereld. Miljoenen consumenten kopen dagelijks hun bloemen en planten.

De veredeling van anthurium is een langdurig proces. Voordat de plant bij mensen thuis staat te pronken, heeft zij een reis van zeven jaar achter de rug. In de grote veredelingskas van Anthura worden kruisingen gemaakt. Alleen de beste zaailingen worden geselecteerd en gekloond. Pas na jaren van grondig testen onder diverse klimaatomstandigheden, wordt een potentieel ras in eigen laboratoria vermeerderd. Het kassencomplex in Bleiswijk is uitgerust met een volledig geautomatiseerd logistiek systeem, assimilatiebelichting en luchtbevochtiging om optimale omstandigheden te garanderen.
 

1 juni: Vertrouwde omgeving

Een dekbedovertrek met een rits, zodat het beddengoed gemakkelijk kan worden verschoond. Een rollator die tegelijkertijd een fitnessapparaat is. Een digitale deurspion, zodat je vanuit je stoel op de smartphone kunt zien wie er aanbelt. Het zijn slechts drie voorbeelden van slimme snufjes die het mogelijk maken om als oudere zo lang en gezond mogelijk in je vertrouwde omgeving te blijven wonen. In Den Haag is een speciale woning ingericht waar ouderen kennis kunnen maken met nieuwe toepassingen die speciaal voor hen zijn ontwikkeld. Hare Majesteit Koningin Máxima ging op 1 juni een kijkje nemen in deze ‘iZi-ervaarwoning’. Zij sprak er met onder anderen Bea Oudai. Zij woont in de flat waar de ervaarwoning is ingericht en heeft een groot aantal innovaties zelf uitgeprobeerd. Praktische oplossingen als een kookbeveiliger die automatisch het gas afsluit als er rook ontstaat, maken het voor haar mogelijk met een gerust hart in haar woning te blijven wonen.

De Koningin ging aansluitend naar wijkcentrum De Regenvalk op het Regentesseplein om meer te horen over het project Haags Ontmoeten. Een comfortabele en veilige woning is immers niet genoeg om het als oudere goed te kunnen redden. Daarvoor is ook een plezierige buurt nodig, waarin mensen oog hebben voor elkaar en waarin voorzieningen zijn voor kwetsbare, vergeetachtige en eenzame buurtgenoten. In het wijkcentrum praatten de Koningin en burgemeester Pauline Krikke hierover met bezoekers, vrijwilligers, mantelzorgers en wijkverpleegkundigen.
 

5 juni: Optimale zorg voor kinderen met kanker

Elk jaar krijgen ongeveer 600 kinderen in Nederland kanker. Er is de afgelopen decennia gelukkig heel veel voortgang geboekt in de behandeling van deze kinderen, waardoor velen van hen genezen. Maar nog steeds overlijdt één op de vier kinderen met kanker aan deze ziekte. Om meer kinderen effectief te kunnen behandelen is bundeling nodig van kennis en expertise. Daarom namen ouders en zorgprofessionals het initiatief voor één nationaal kinderoncologisch centrum. Hare Majesteit Koningin Máxima volgt sinds 2012 de ontwikkelingen rond het centrum (dat haar naam draagt) met grote belangstelling. Op 5 juni verrichtte zij de opening van het nieuwe gebouw van het Prinses Máxima Centrum in Utrecht.

In het centrum is alle zorg en onderzoek voor kinderen met kanker geconcentreerd. Ouders en kinderen kunnen dag en nacht dicht bij elkaar zijn. In het gebouw is alles erop gericht om de kinderen en hun ouders op hun gemak te stellen. Het gezinsleven kan zoveel mogelijk ‘gewoon’ doorgaan en kinderen kunnen de dingen doen die ze thuis ook doen. Voorzitter van de raad van bestuur Diana Monissen: “Onze missie is: alle kinderen met kanker genezen, met optimale kwaliteit van leven. Dat doel houdt iedereen die hier werkt permanent voor ogen. De kinderen en hun ouders worden overal bij betrokken. We zetten niet alleen een nieuw gebouw neer, maar ook een andere cultuur, een andere manier van wetenschap bedrijven en zorg verlenen.”
 

Zestig jaar Benelux

Tijdens de Tweede Wereldoorlog besloten de in Londen verblijvende regeringen van België, Nederland en Luxemburg om nauwer te gaan samenwerken. Aanvankelijk vormden zij gedrieën een douane-unie. In 1958 kreeg de samenwerking een extra dimensie door de oprichting van de Benelux Economische Unie. Het zestigjarig bestaan van de Benelux werd op 5 juni gevierd in Brussel, in aanwezigheid van Zijne Majesteit Koning Willem-Alexander, Zijne Majesteit Koning Filip der Belgen en Zijne Koninklijke Hoogheid Groothertog Henri van Luxemburg.

De Benelux wordt door velen gezien als een wegbereider voor de Europese Unie. De samenwerking tussen de drie landen breidde zich in de loop der tijd steeds verder uit, van de economie naar justitie, veiligheid, arbeidsmarkt en duurzaamheid. Grensoverschrijdend samenwerken heeft voordelen voor bedrijven en burgers. Zo besparen ondernemers in de Benelux dankzij de digitale vrachtbrieven jaarlijks tientallen miljoenen aan administratieve lasten. Politiekorpsen bestrijden samen de criminaliteit zonder belemmeringen aan de grens. En diploma’s in het hoger onderwijs worden automatisch in alle drie de landen erkend.
 

6 juni: Het beste uit jezelf

Voor de toekenning van de jaarlijkse Appeltjes van Oranje ging het Oranje Fonds in 2018 op zoek naar initiatieven van jonge en sociale ondernemers: mensen van onder de 35 jaar die een probleem zien en besluiten daar zelf iets aan te gaan doen. De drie winnaars ontvingen hun Appeltje op 6 juni op Paleis Noordeinde uit handen van Hare Majesteit Koningin Máxima. Zijne Majesteit Koning WillemAlexander en Hare Koninklijke Hoogheid Prinses Beatrix waren erbij.

De Grote Appel ging naar Excel Arts Academy in Willemstad op Curaçao. Shelomi Doran-Bakhuis (31) richtte de organisatie als 18-jarige op vanuit haar persoonlijke ervaringen. “Ik was als kind erg onzeker en verlegen en niet zo cognitief ingesteld. Maar door mijn talenten en kunstvaardigheid kon ik mezelf ontdekken. In dans kon ik mijn emoties kwijt.” Op haar twaalfde begon ze met danslessen voor 25 kinderen. Later kwamen daar andere lessen bij. Excel Arts Academy biedt kinderen en jongeren de kans om zich te ontwikkelen, maar vooral om het beste uit zichzelf te halen.

De beide andere Appeltjes gingen naar Yets Foundation in Schiedam en Buddy to Buddy in Zutphen. Yets Foundation zet basketbal in om jongeren die thuis of op school problemen hebben meer zelfvertrouwen te geven. Werken aan je baltechniek en werken aan jezelf en je vaardigheden als teamspeler gaan bij Yets Foundation gelijk op. Buddy to Buddy koppelt vluchtelingen aan Nederlandse maatjes die hen wegwijs maken in ons land.
 

6 juni: Zwerfjongeren weer een basis bieden

In Nederland missen ongeveer twaalfduizend jongeren een eigen thuis. De meesten hebben heftige dingen meegemaakt. Complexe problemen als geweld, psychisch leed, drugsmisbruik, schooluitval, schulden en eenzaamheid versterken elkaar en belemmeren jongeren om op eigen kracht hun leven weer op de rails te krijgen. Stichting Zwerfjongeren Nederland trekt zich hun lot aan. De stichting organiseerde samen met het Kansfonds op 6 juni een conferentie in Amsterdam met als motto: breng de basis op orde. Tot die basis behoren: een dak boven je hoofd, toegang tot onderwijs of werk, zelfvertrouwen èn een netwerk van mensen die je steunen. Dakloze jongeren overhandigden een manifest met deze basisvoorwaarden aan Hare Majesteit Koningin Máxima en staatssecretaris Paul Blokhuis van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

De Koningin en de staatssecretaris spraken met een aantal jongeren wat dieper door. Zij ontmoetten onder anderen de 22-jarige Joyce Otten, die op 14-jarige leeftijd op straat belandde: “Ik had borderline en een nachtmerriestoornis. Mijn ouders vonden het moeilijk met mij om te gaan en ik vond het moeilijk om met mijn ouders om te gaan. Daarom bleef ik ’s nachts gewoon buiten. Ik heb met acht of negen hulpinstanties te maken gehad en ben vaak van het kastje naar de muur gestuurd.” Staatssecretaris Blokhuis zei dat de tranen hem in de ogen schoten bij veel praktijkverhalen: “We moeten buiten de wetten om leren denken. Wat heeft de jongere nodig? Daar gaat het om.” 
 

6 juni: Samen doen in Hilvarenbeek

Het Noord-Brabantse Hilvarenbeek is met zestienduizend inwoners verdeeld over zes dorpskernen op het eerste gezicht een heel gewone gemeente. Maar wie zich erin verdiept, stuit al snel op iets bijzonders: de inwoners tonen zich bijzonder initiatiefrijk bij het van de grond tillen van projecten die hun dorpen leefbaarder, duurzamer, socialer en mooier maken. ‘Samen doen’ is in Hilvarenbeek een belangrijke succesfactor. Zijne Majesteit Koning Willem-Alexander wilde meer weten over het zelforganiserend vermogen van burgers en ondernemers in Hilvarenbeek en bracht op 6 juni een werkbezoek aan de gemeente. Hij ging onder meer kijken in een pomphuis aan het Wilhelminakanaal in Haghorst. In overleg met Rijkswaterstaat transformeerden enkele bewoners de pomp tot generator voor de opwekking van energie met waterkracht. Via de lokale energiecoöperatie Hilverstroom levert het oude pomphuis nu schone elektriciteit. In Esbeek bezocht de Koning de voormalige kerk, die wordt verbouwd tot een centrum voor basisonderwijs en kinderopvang. Het initiatief kwam van coöperatie Esbeek. Deze coöperatie wist met de uitgifte van aandelen ook te voorkomen dat het naast de kerk gelegen café Schuttershof  zijn deuren moest sluiten. Het café wordt nu beheerd door vrijwilligers en is weer de centrale ontmoetingsplek in Esbeek. Burgemeester Ryan Palmen omschreef ‘het geheim van Hilvarenbeek’ als volgt: “We bundelen wat aan kracht in de samenleving zit en wat aan kracht in de overheid zit, om het maatschappelijk effect van wat we samen willen doen maximaal te maken.”
 

9 juni: Hij draait weer

Het beeld staat veel inwoners van Oud-Zuilen in het geheugen gegrift. In de nacht van 15 maart 2016 stond de kleine poldermolen bij het dorp in lichterlaaie. Het afbranden van de molen uit 1830, die overtollig polderwater afvoert op de Vecht, raakte de omwonenden diep. Onmiddellijk kwam een crowdfundingsactie op gang om het gebouw in ere te herstellen met gebruikmaking van de resten die nog overeind stonden. Ruim twee jaar later kon de gerestaureerde molen feestelijk worden geopend. Hare Koninklijke Hoogheid Prinses Beatrix - beschermvrouwe van de Vereniging De Hollandsche Molen – kwam op 9 juni naar Oud-Zuilen om de vang te lichten en zo de molen in werking te stellen. 

Dankzij de oorspronkelijke delen van de molen die konden worden hergebruikt (ruim een derde van het totaal) behield de molen de status van Rijksmonument. Vrijwillige molenaars laten de molen iedere zaterdag draaien. Zij ontvangen bezoekers en vertellen over de werking van de molen. Daan Ottevanger werd na zijn pensionering actief als molenaar en heeft inmiddels dertien jaar ervaring. Hij toonde zich blij dat de kleine dappere poldermolen is gered. “Iedere oude molen die je instapt heeft een aparte lucht. Die oude geur is verdwenen. Dat heeft tijd nodig. Maar hij staat er geweldig bij en is heel mooi geworden. Ik kan niet meer kijken naar de foto’s van de brand. Het opbouwen is het mooie en dat hij nu weer draait!”
 

11-15 juni: Zingende revolutie

Zijne Majesteit Koning Willem-Alexander bracht van 11 tot en met 15 juni Staatsbezoeken aan de drie Baltische landen Letland, Estland en Litouwen. Hare Majesteit Koningin Máxima vergezelde hem tijdens deze bezoeken niet in verband met het plotselinge overlijden van haar zus Inés Zorreguieta enkele dagen eerder. 

Aanleiding voor de drie Staatsbezoeken was de viering van honderd jaar onafhankelijkheid in de drie landen. Letland en Estland verklaarden zich in 1918 onafhankelijk na eeuwen van bezetting door buitenlandse mogendheden. Litouwen herstelde aan het einde van de Eerste Wereldoorlog haar eerdere onafhankelijkheid. De geschiedenis van de drie landen is turbulent en kende vele gewelddadige episoden. Na een korte periode op eigen benen gestaan te hebben, kwam in de Tweede Wereldoorlog een ruw einde aan de onafhankelijkheid door de bezetting door de Sovjet-Unie, de bezetting door Nazi-Duitsland en na de oorlog de inlijving bij de Sovjet-Unie. Pas eind jaren tachtig ontworstelden de drie landen zich aan die onvrijheid. De bevolking speelde daarbij een indrukwekkende rol. In augustus 1989 vormden twee miljoen zingende Esten, Letten en Litouwers een menselijke keten van zeshonderd kilometer lang, van Tallinn via Riga naar Vilnius. In deze ‘Zingende Revolutie’ verhieven zij hun stem voor vrijheid en vrede. Twee jaar later verwierven de drie landen wederom hun onafhankelijkheid en in 2004 traden zij toe tot de Europese Unie en de NAVO.
 

In de Letse hoofdstad Riga werd de Koning ontvangen door president Raimonds Vējonis. De Koning legde bloemen bij het Vrijheidsmonument en maakte nader kennis met de Letse geschiedenis en cultuur in het National History Museum. In de haven van Riga woonde hij een ontmoeting bij van Nederlandse en Letse overheden en bedrijven ter intensivering van de samenwerking in transport en logistiek.

President Kersti Kaljulaid van Estland ontving de Koning in Tallinn. Tijdens dit tweede Staatsbezoek ging veel aandacht uit naar de toppositie van Estland als ‘digitale natie’. Estland was het eerste land ter wereld dat internettoegang tot mensenrecht verklaarde en het eerste land dat digitaal burgerschap aanbiedt. In zijn tafelrede tijdens het Staatsbanket bracht de Koning zijn respect voor de prestaties van het land in het licht van de bewogen geschiedenis onder woorden: “De Estse eik boog en kraakte en verloor vele takken… maar hij brak niet. Vandaag zien we hoe stevig de stam is geworteld en hoe prachtig de bladeren zijn.”

De president van Litouwen, Dalia Grybauskaitė, verwelkomde de Koning in Vilnius. Samen bezochten zij de ongeveer driehonderd Nederlandse militairen die deelnemen aan de NAVO-troepenmacht in het Litouwse Rukla. Hiermee tonen de lidstaten hun onderlinge solidariteit met het bondgenootschap en de collectieve verdedigingstaak. De Koning verwoordde dit in zijn tafelrede tijdens het Staatsbanket als volgt: “Uw veiligheid is onze veiligheid. Uw vrijheid is onze vrijheid. Uw toekomst is onze toekomst.”
 

14 juni: Zuiderzeeballade

“Eens ging de zee hier tekeer, maar die tijd komt niet weer. Zuiderzee heet nou IJsselmeer.” Het zijn regels uit de Zuiderzeeballade, waarin een grootvader zijn kleinzoon vertelt over vroeger. De Wet tot Afsluiting van de Zuiderzee werd in 1918 aangenomen. Na een watersnoodramp in 1916 wilde men de omringende provincies voor nieuwe overstromingen behoeden. Bovendien was er behoefte aan kleigronden voor de landbouw. Ingenieur Cornelis Lely had al in 1891 een stoutmoedig plan opgesteld om een dijk tussen Noord-Holland en Friesland aan te leggen en daarbinnen polders te creëren. Dit plan werd leidraad bij ’s werelds grootste waterbouwkundig project ooit. In 1932 werd de Afsluitdijk voltooid.  Voor de vissersdorpen rond de Zuiderzee had de afsluiting grote gevolgen; veel vissers verloren hun broodwinning.

Op 14 juni werd in Biddinghuizen en Lelystad stilgestaan bij 100 jaar Zuiderzeewet. Hare Koninklijke Hoogheid Prinses Beatrix was erbij. In Biddinghuizen werd de Flevowand onthuld, die de geschiedenis van de Zuiderzee verbeeldt. Vrijwilligers uit het dorp hebben dertigduizend uur gewerkt aan het zestig meter lange kleed. Bij onstuimig weer nam de Prinses in de Bataviahaven van Lelystad een vlootschouw af vanaf De Groene Draeck. Gedeputeerde Michiel Rijsberman van Flevoland omschreef het belang van de Zuiderzeewet als volgt: “Zonder deze wet was heel Flevoland er niet geweest. Heel bijzonder dat tijdens de Eerste Wereldoorlog de beslissing werd genomen om een heel stuk Nederland erbij te maken. Daar hebben we nog iedere dag plezier van.”
 

19 juni: Protonentherapie

Op 19 juni bracht Hare Majesteit Koningin Máxima een werkbezoek aan het protonentherapiecentrum van het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG). Graag had zij het therapiecentrum op 8 juni willen openen, maar dat bezoek moest zij afzeggen in verband met het overlijden van haar zus Inés Zorreguieta. 

Protonentherapie is een innovatieve bestralingsbehandeling voor kankerpatiënten, met name voor mensen met tumoren in hoofd en hals. De straling wordt uiterst precies gedoseerd zodat de kans op beschadiging van gezond weefsel zo klein mogelijk is. Het UMCG is het eerste ziekenhuis in Nederland dat deze therapie is gaan aanbieden. Het UMCG behandelt als enige ziekenhuis in Nederland ook kinderen met protonentherapie. Hun behandeling gebeurt in nauwe samenwerking met het Prinses Máxima Centrum voor Kinderoncologie in Utrecht.

De Koningin sprak met artsen en patiënten over hun ervaringen met de nieuwe vorm van kankerbehandeling. Na haar bezoek bedankte zij iedereen voor het medeleven na het overlijden van haar zus. “Ik ben blij dat ik dit bezoek aan het protonentherapiecentrum heb kunnen doen, omdat het zoveel betekent voor mensen met kanker. Mensen die ziek zijn, maar toch met hoop op genezing. Mijn kleine, lieve, begaafde zusje Inés was ook ziek. Zij kon geen vreugde vinden, zij kon niet genezen. Onze enige troost is dat zij nu eindelijk vrede heeft kunnen vinden. Ik wil mijn heel grote dank uitspreken voor de talloze blijken van medeleven. Het heeft ons echt geholpen.”
 

20 juni: Noordelijkste station van Nederland

In 2018 heeft station Eemshaven de titel ‘noordelijkste station van Nederland’ overgenomen van Roodeschool. Het nieuwe station is bereikbaar via een vernieuwde spoorverbinding vanaf Roodeschool, die naar Eemshaven is doorgetrokken. Zijne Majesteit Koning Willem-Alexander verrichtte de officiële opening op 20 juni.

Mensen die in Eemshaven werken kunnen nu met het openbaar vervoer van en naar hun werk reizen. De treinverbinding maakt ook het Duitse eiland Borkum beter bereikbaar: toeristen kunnen aansluitend de boot naar Borkum nemen. De dienstregeling van de trein en de veerboot zijn op elkaar afgestemd. Adjunct-directeur Rolf Bouwman van Rederij AG EMS-Nederland, die de veerdienst naar Borkum verzorgt, was blij met de nieuwe verbinding:  “We hopen op een substantiële groei van het aantal passagiers. Dit was nog een ontbrekend stukje spoorlijn. Zeventien jaar lang hebben we ons daarvoor ingezet dus we zijn ontzettend blij dat het nu eindelijk zover is.”

Het nieuwe spoortracé is het resultaat van een Nederlands-Duits samenwerkingsverband van publieke en private partijen. Het ontwerp is een sterk staaltje ingenieurskunde: vlak voor Eemshaven kruist de lijn de zeewering en loopt daar buitendijks naar de haven, vlak naast de zee.
 

22 juni: Een grote pan kippensoep

Een leeg kantoorgebouw in Amsterdam-Noord kreeg een wel heel bijzondere nieuwe bestemming. Het werd door het Leger des Heils omgebouwd tot woonvoorziening voor kwetsbare mensen. De Noordkaap biedt een thuis aan individuele cliënten en aan gezinnen uit de maatschappelijke opvang en crisisopvang. In een beschermde omgeving kunnen zij zich met goede begeleiding voorbereiden op meer zelfstandigheid. Zijne Majesteit Koning Willem-Alexander verrichtte op 22 juni de opening.

Ed Bosma, algemeen directeur Leger des Heils Goodwillcentra Amsterdam, legde uit wat De Noordkaap zo bijzonder maakt: “In De Noordkaap wonen ongeveer dertig mensen individueel in een woonstudio en naast hen nog vijfenveertig gezinnen die in crisis zijn, bijvoorbeeld omdat ze plotseling op straat zijn komen te staan. Veelal zijn dat alleenstaande moeders met kinderen. We hebben besloten hier ook een buurtsteunpunt te vestigen: Bij Bosshardt. Dat doen we omdat we als Leger des Heils vinden dat de buurt er ook beter op moet worden.” Behalve een huiskamer voor de buurt biedt De Noordkaap een tweedehandskledingwinkel en een avonturenclub voor kinderen.

De Koning maakte kennis met een aantal bewoners, onder wie René Lipplaa, die ook als kok actief is. Elke week maakt hij verse soep voor de bezoekers van Bij Bosshardt. Daarmee is hij echt het gezicht van de keuken geworden. Voor deze feestelijke gelegenheid had hij een grote pan kippensoep gemaakt.
 

23 juni: Wageningers vind je overal ter wereld

Ons land geldt als een van de meest vernieuwende landbouwlanden in de wereld. Als agrarische exporteur bezet Nederland de tweede plek, na de Verenigde Staten. Voor een land met een relatief geringe oppervlakte is dat een bijzondere prestatie, die mede te danken is aan de innovatiekracht binnen de sector. Wageningen University & Research speelt daarbij een centrale rol. In 2018 werd gevierd dat de instelling een eeuw geleden een universitaire status kreeg als Rijks Landbouw Hoge School. Zijne Majesteit Koning Willem-Alexander kwam naar Wageningen om het eeuwfeest mee te vieren.

Wageningen University & Research houdt zich niet alleen bezig met landbouw en voeding. Ook een gezonde leefomgeving met alles wat daarbij hoort (bodem, water, lucht, dierenwelzijn en biodiversiteit) krijgt veel aandacht. De Koning sprak met onderzoekers en studenten en kreeg demonstraties op het gebied van waterzuivering, precisielandbouw en nieuwe veredelingstechnieken. Daarna plantte hij een van de honderd bomen die ter ere van het honderdjarig bestaan wereldwijd een bos van ‘UniversiTrees’ moeten vormen. De bomen markeren de wereldwijde verbinding met Wageningen, dat studenten trekt uit bijna honderd landen. Louise Fresco, voorzitter van de raad van bestuur: “Ik kom op de hele wereld mensen tegen die zich trots Wageninger noemen. Die hebben hier gestudeerd en voelen zich zo verbonden met stad en universiteit dat ze zich nog steeds Wageninger voelen, waar ze ook zitten.’’
 

Ontmoetingen met fractievoorzitters

Na de Tweede Kamerverkiezingen van 2017 heeft Zijne Majesteit de Koning de dertien fractievoorzitters uitgenodigd voor een (hernieuwde) kennismaking. De serie ontmoetingen werd in 2018 voortgezet en afgerond. In 2018 ontving de Koning de fractievoorzitters van de ChristenUnie, SP, SGP, DENK, 50PLUS, Forum voor Democratie, PvdA en Partij voor de Dieren.

28 juni: West-Friesland: streek met karakter

West-Friesland is het gebied in Noord-Holland dat wordt omsloten door de Westfriese Omringdijk, de oudste dijk van Nederland, aangelegd tussen 1000 en 1320. Aanvankelijk was het gebied een eiland, dat later door inpolderingen met het land verbonden werd. Westfriese steden als Hoorn en Enkhuizen speelden in de VOC-tijd een vooraanstaande rol en hebben hun monumentale karakter weten te bewaren. Tussen de steden is het gebied sterk agrarisch: West-Friesland biedt ruimte aan tal van agrarische bedrijven die aan de mondiale top staan als het gaat om vernieuwende productieprocessen. Zijne Majesteit Koning Willem-Alexander en Hare Majesteit Koningin Máxima brachten op 28 juni een streekbezoek aan West-Friesland om met bewoners, ondernemers en bestuurders te praten over wat hen bezig houdt.

In Drechterland gingen zij kijken op een bouwplaats van de nieuwe Westfrisiaweg. Deze nieuwe verbinding is van grote betekenis voor de bereikbaarheid van de streek, maar de aanleg heeft wel een grote weerslag op het leven van de mensen die vlak langs het tracé wonen. De Koning en Koningin spraken met bewoners van een lintdorp dat door de weg wordt doorsneden over de impact daarvan op hun leven.
 

In de kantine van voetbalvereniging De Zouaven in Stede Broec ging het Koningspaar in gesprek met ouders en jongeren over een hardnekkig probleem: alcoholmisbruik. West-Friesland heeft een cultuur van hard werken, maar ook van hard feesten met veel drank. Gemeenten doen samen met sportverenigingen en tal van vrijwilligers hun best om uitwassen te voorkomen en dit lijkt voorzichtig resultaat te hebben. Corina van der Laan is als preventiedeskundige in WestFriesland actief: “Tien jaar geleden begonnen jongeren hier met alcohol als ze gemiddeld 11,8 jaar oud waren. Nu ligt die leeftijd op 14,8 jaar.”

In Enkhuizen maakte het Koningspaar uitgebreid kennis met de West-Friese kennis en kunde in agrarisch opzicht. Zij brachten een bezoek aan familiebedrijf Enza Zaden, waar inmiddels de derde generatie aan het roer staat. Het bedrijf ontwikkelt nieuwe groenterassen en heeft vestigingen in 25 landen. Circa 460 miljoen mensen eten dagelijks groenten afkomstig van zaden van Enza. Na dit bezoek praatten de Koning en Koningin door met een groep agrarische ondernemers uit de streek, onder wie Erik Jan Bartels van Incotec, een specialist in zaadverbetering. Hij bracht een zakje met een kilo tomatenzaad mee: “Dit zakje is meer waard dan een kilo goud.” Ook het ambachtelijke streekproduct was vertegenwoordigd, met Hero Stam, teler van het verfijnde aardappeltje Opperdoezer Ronde: “Het is moeilijk om dit ambacht te handhaven, maar ik doe mijn best voor het behoud van dit unieke handgerooide product.”