Kabinetsformatie

Na de Tweede Kamerverkiezingen wordt de formatie van een nieuw kabinet gestart. Tijdens de kabinetsformatie wordt de basis gelegd voor de vorming van een nieuw kabinet en het te voeren beleid. De Tweede Kamer voert de regie in het proces om een nieuw kabinet te formeren. De Koning wordt als staatshoofd en lid van de regering regelmatig geïnformeerd over het verloop van de formatie. Als de formatie is afgerond ontvangt de Koning de formateur.

Kabinetsbeëdiging

Na het formatieproces benadert de formateur de kandidaat-ministers en kandidaat-staatssecretarissen voor het nieuwe kabinet. Zodra alle posten zijn ingevuld, kan het nieuwe kabinet beëdigd worden. Op grond van de artikelen 43 en 46 van de Grondwet benoemt en beëdigt de Koning de nieuwe ministers en staatssecretarissen. Vervolgens leggen de nieuwe bewindspersonen, zoals artikel 49 van de Grondwet bepaalt, ten overstaan van de Koning een in de wet voorgeschreven eed of belofte en verklaring af.

De beëdiging start met het tekenen van de Koninklijke Besluiten door de Koning. In deze besluiten is het ontslag en benoeming van de ministers en staatssecretarissen vastgelegd. Alle besluiten worden ook door de minister-president gecontrasigneerd.  Met deze handtekening op het Koninklijk Besluit komt de ministeriële verantwoordelijkheid tot uitdrukking. Ministers die een staatssecretaris krijgen toegewezen contrasigneren de benoeming van de staatssecretaris ook bij Koninklijk Besluit.

Koning Willem-Alexander ondertekent de Koninklijke Besluiten.

De officiële beëdiging gebeurt door het afleggen van een eed of verklaring en belofte ten overstaan van de Koning. De directeur van het Kabinet van de Koning leest de tekst van de eed of verklaring en belofte voor.

Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot minister (staatssecretaris) te worden benoemd, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd.

Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen.

Ik zweer (beloof) trouw aan de Koning, aan het Statuut voor het Koninkrijk en aan de Grondwet.

Ik zweer (beloof) dat ik de plichten die mijn ambt mij oplegt getrouw zal vervullen.

De ministers en staatssecretarissen antwoorden met : “Zo waarlijk helpe mij God almachtig!” of “Dat verklaar en beloof ik!”. Het staatsrechtelijk moment van de overgang naar een volgend kabinet vindt plaats wanneer alle ministers beëdigd zijn.

De volgorde van afleggen van de eed of belofte en verklaring is gerelateerd aan de instellingsdatum van dat departement. Ministers die ook minister-president of viceminister-president  zijn, staan op de eerste plaatsen in de protocollaire volgorde.

De ministers die doorgaan in het nieuwe kabinet, hoeven niet nogmaals de eed of verklaring en belofte af te leggen, maar zijn wel aanwezig.

Na afloop van de beëdiging poseert de nieuwe regering voor een officiële foto op het bordes van het paleis. De regering bestaat uit de Koning en de ministers van het nieuwe kabinet.

Zie ook