Prinsjesdag 2013 - 2020 in beeld

Video Troonrede 2020

Koning Willem-Alexander spreekt de Troonrede 2020 uit

Leden van de Staten-Generaal,

Nooit zal ik de Nationale Dodenherdenking van 4 mei 2020 vergeten. Het was onwerkelijk en zeer realistisch tegelijk: die bijna lege Dam, de stilte nog oorverdovender dan anders, en het besef dat de viering van 75 jaar vrijheid noodgedwongen een ingetogen karakter had gekregen. Door het coronavirus werd dit voorjaar ineens alles anders. Ook deze anders-dan-anders-Prinsjesdag op anderhalve meter afstand, niet in de Ridderzaal, en met minder mensen, tradities en uitbundig rood-wit-blauw, maakt dat tastbaar.

Mijn bewondering en dank gaan uit naar iedereen die in de zorg en elders in de samenleving al het mogelijke deed om de coronacrisis het hoofd te bieden. Verpleegkundigen en schoonmakers, boa’s en defensiepersoneel, supermarktmedewerkers en mensen in het openbaar vervoer. Ik wil daarnaast mijn steun en medeleven betuigen aan hen die door corona zijn getroffen, of die een geliefde moeten missen. Maar ook voor wie dat niet geldt, is de impact enorm. Corona raakt ons allemaal. Van Terschelling tot Aruba. Jong en oud. Mensen met een beperking vaak nog harder dan anderen. Corona raakt ons in school en werk. In het gemis van een aanraking. En vooral: in ons gevoel van veiligheid en vertrouwen. Want geen eindexamen kunnen doen, een begrafenis in zeer kleine kring, niet op bezoek kunnen bij je man of vrouw in het verpleeghuis, als ondernemer ineens je levenswerk verliezen, of je baan – het is allemaal enorm ingrijpend. Voor al die gevoelens van stress, eenzaamheid en verlies moet ruimte zijn en erkenning. Binnenkort geven we daar in het hele Koninkrijk in verbondenheid uitdrukking aan onder de noemer ’aandacht voor elkaar’.

Toch gebeurt er deze maanden ook veel goeds. We waarderen meer het land waarin we wonen. Het weefsel van onze samenleving is opnieuw sterk gebleken. Het blijft bijzonder hoe Nederlanders er voor elkaar zijn als de nood aan de man komt. Bijzonder was ook hoe we in een paar maanden samen voor elkaar kregen dat de grootste beperkingen konden worden opgeheven. En bijzonder is de veerkracht van ondernemers die op allerlei creatieve manieren hun bedrijf draaiende hielden, van leraren die hun leerlingen online gingen begeleiden, en van ouders die plotseling werk en onderwijs thuis combineerden. Nederland heeft in de coronacrisis bewezen verantwoordelijk, saamhorig en flexibel te zijn. Laat ons dat volhouden zolang dat nodig is. En laat ons daar vertrouwen aan ontlenen voor de toekomst.

Want juist in tijden van plotselinge schokken is het zaak oog te houden voor de lange termijn. Dat zijn we verplicht aan de jongeren, die de laatste maanden niet alleen moesten inleveren op hun leven nu, maar ook op hun vooruitzichten voor straks. Een 94-jarige veteraan maakte veel los met een ingezonden brief waarin hij de jongeren van Nederland opriep vol te houden en solidair te zijn met zijn generatie. Een 18-jarige student schreef hem terug hoe dankbaar hij was voor de vrijheid en alle mogelijkheden waarmee hij en zijn leeftijdgenoten opgroeien. Maar hij schreef ook hoezeer zij die vrijheid nu missen, hoe zij sleutelmomenten in het leven zomaar zien passeren en hoe extra onzeker de toekomst door de coronacrisis voelt. Die onzekerheid is er op het gebied van opleiding, wonen en werk. Tegelijkertijd is er de zorg over overkoepelende problemen als klimaatverandering, die door corona niet minder urgent worden. Deze brief raakt de kern van Prinsjesdag, want perspectief voor de toekomst begint altijd in het hier-en-nu. Dat is de spiegel die de volwassenen van morgen voorhouden aan de volwassenen van vandaag.

In dat besef maakt de regering de keuze in deze onzekere tijd niet te bezuinigen, maar juist te investeren in baanbehoud, goede publieke voorzieningen, en een sterkere economische structuur en een schoner land nu en straks. Op die pijlers rusten de plannen van de regering voor het komende jaar.

De Nederlandse economie en overheidsfinanciën zijn veerkrachtig. De laatste jaren is een financiële buffer opgebouwd waarvan we nu de vruchten plukken. Deze publieke spaarpot maakt de gezondheidseffecten van het coronavirus niet minder heftig, maar maakte de eerste directe economische gevolgen wel beter draagbaar.

Nu moeten we ons schrap zetten voor de gevolgen van een zware economische terugslag, die ook doorwerkt in de economie en overheidsfinanciën op lange termijn. Hoe precies, hangt af van de vraag tot wanneer en in welke mate het coronavirus ons in zijn greep blijft houden. Maar alle recente cijfers en ramingen zijn ongekend in vredestijd. Met een historische krimp van ruim 5 procent in 2020. Met een historische omslag van een overschot op de rijksbegroting naar een tekort van 7 procent in één jaar. En met een verdubbeling van de werkloosheid ook in één jaar. Onze belangrijkste handelspartners in Europa en wereldwijd hebben te kampen met een economische terugval die vaak nog groter is. Voor een open en op handel en export gericht land als Nederland is dat, zeker na brexit, een extra complicatie.

De internationale gevolgen van de coronacrisis kunnen moeilijk worden overschat, niet in economisch en niet in geopolitiek opzicht. Er lijken nog diepere groeven te worden getrokken tussen de grootste machtsblokken in de wereld. In het jaar van 75 jaar Verenigde Naties domineert helaas steeds vaker het nationale eigenbelang en is de multilaterale wereldorde verder onder druk komen staan. Voor de Nederlandse regering staat buiten kijf dat goed functionerende internationale instellingen en internationale samenwerking noodzakelijk zijn om problemen aan te pakken die geen land of regio alleen de baas kan. Dat geldt voor vraagstukken van vrede en veiligheid, voor de klimaatcrisis en de toekomst van onze energievoorziening, voor armoedebestrijding en nu ook voor de bestrijding van het coronavirus.

Ons land neemt hierin verantwoordelijkheid. Dat is zowel een morele plicht als welbegrepen eigenbelang. Nederland blijft steun geven aan de kwetsbaarste regio’s in de wereld, die zwaar door corona zijn getroffen. Daarnaast blijft de regering werken aan versterking van de operationele inzet van Nederlandse militairen. Het is duidelijk dat de wereld zich, over de coronacrisis heen, moet voorbereiden op de mogelijkheid van een volgende pandemie of een andere externe schok. Corona leert ons dat we ook internationaal samen sterker staan in een crisis als deze.

In Europees verband geldt dat de toenemende geopolitieke onzekerheid en de coronacrisis het belang van samenwerking en een eendrachtig optreden naar buiten toe alleen maar vergroten. De inbedding in de Europese Unie en de interne markt staan aan de basis van de Nederlandse welvaart, rechtszekerheid en veiligheid. Het is waar dat Europese samenwerking vaak gepaard gaat met stevige discussies, waardoor verschillen tussen landen soms worden uitvergroot. Toch brengen de overeenkomsten en de gedeelde belangen de lidstaten altijd weer bij elkaar. Zo werkt Nederland intensief samen met andere Europese landen om de ontwikkeling en beschikbaarstelling van een vaccin te versnellen. Met het Europees herstelfonds kunnen lidstaten voor de korte termijn de gevolgen van de coronacrisis beter opvangen en voor de lange termijn werken aan structurele economische hervormingen. Het is een vorm van solidariteit die twee kanten op werkt: van buren die elkaar vanzelfsprekend helpen in tijden van nood, maar die in eigen land ook stappen zetten en hervormen om bij een volgende crisis allemaal beter voorbereid te zijn.

In ons land konden met extra overheidsuitgaven de eerste gevolgen van de coronacrisis voor de bedrijven en de werkgelegenheid worden opgevangen. Voor de korte termijn is twee keer een pakket steunmaatregelen ingezet waarmee lonen zijn doorbetaald en faillissementen en grootschalige ontslagrondes zoveel mogelijk konden worden voorkomen. Het derde pakket, dat beschikbaar is vanaf 1 oktober, heeft een looptijd van negen maanden. Behoud van zoveel mogelijk banen blijft het doel. Maar na de fase van noodsteun is het nu ook belangrijk dat mensen door scholing en training de overstap kunnen maken naar sectoren waar een tekort aan personeel is, en dat bedrijven zich aan kunnen passen aan de nieuwe realiteit. Met een aanvullend pakket van bijna een half miljard euro voor kunst en cultuur onderstreept de regering het grote maatschappelijke belang van deze sector. De steun voor het openbaar vervoer wordt voortgezet, omdat veel mensen voor hun dagelijkse bezigheden afhankelijk zijn van bus, trein, tram en metro. Voor gemeenten komt bijna 800 miljoen euro extra beschikbaar, bijvoorbeeld voor buurthuizen, sociale werkvoorziening, culturele instellingen, en voor het coronaproof organiseren van de verkiezingen. Zo werken medeoverheden en Rijk als één overheid samen in deze crisis.

Met de zwaar getroffen Caribische delen van het Koninkrijk wordt gesproken over welke steun onder welke voorwaarden kan worden verleend. Het doel is de bevolking nu te steunen en bij te dragen aan toekomstige economische zekerheid en maatschappelijke stabiliteit. Humanitaire steun blijft steeds beschikbaar.

Bij de start van deze periode koos de regering voor versterking van publieke voorzieningen. Het belang hiervan is door corona eerder toe- dan afgenomen. Investeren in veiligheid, bestaanszekerheid en een aantrekkelijke leefomgeving draagt bij aan bestrijding van de crisis, aan de veerkracht van de economie en aan vertrouwen in de toekomst. In de plannen van de regering is dat op verschillende plaatsen zichtbaar.

Nergens wordt de verantwoordelijkheid voor de toekomst van onze kinderen en jongeren directer gevoeld en waargemaakt dan voor de klas en in de collegezalen. Het onderwijs heeft extra geld gekregen om in de grote steden volgende stappen te kunnen zetten in de aanpak van het lerarentekort. Na een uitzonderlijk voorjaar met lege klassen is ook 500 miljoen euro beschikbaar om onderwijsachterstanden weg te werken. Daarmee kunnen bijvoorbeeld extra bijlessen worden gegeven.

Met een bedrag van 5 miljard euro wil de regering de komende jaren de problemen rond stikstof aanpakken. Het geld dat nu beschikbaar komt, kan onder andere worden ingezet voor natuurherstel en de aanpassing van stallen. Dat is nodig voor de natuur, waarvan we allemaal genieten en die we moeten koesteren voor later. Het is nodig voor een gezonde en innovatieve toekomst van de Nederlandse landbouwsector, die ook in tijden van crisis zorgt voor een betrouwbare voedselvoorziening. En het is nodig om ruimtelijke ontwikkelingen in de sfeer van woningbouw en infrastructuur mogelijk te maken.

Opgeteld wordt bijna 2 miljard euro aan geplande investeringen voor infrastructuur, woningbouw en onderhoud en verduurzaming van rijksgebouwen naar voren gehaald. Goede mobiliteit schraagt de economie. Bouw en woningmarkt krijgen een steun in de rug door bouwprojecten eerder uit te voeren.

De vraag naar woningen blijft groot. Onder regie van het Rijk wordt de woningbouw versneld. Starters hoeven de komende vijf jaar geen overdrachtsbelasting te betalen. De regering stelt voor de huur te verlagen voor mensen met een laag inkomen in een dure corporatiewoning.

De rechtsstaat is het belangrijkste publieke bezit van de samenleving. Het is de basis onder een democratisch land dat sociaal en economisch sterk is en waarin kansengelijkheid als norm geldt. Een jaar geleden werd Nederland geschokt door de brute moord op advocaat Derk Wiersum. Op die dag werd eens te meer manifest hoezeer georganiseerde criminaliteit de maatschappij ondermijnt. Voor de niet-aflatende strijd daartegen is volgend jaar opnieuw extra geld beschikbaar, onder andere voor een nieuw gespecialiseerd team waarin de kennis en kracht van justitie, Belastingdienst en defensie worden gebundeld.

Een wezenlijke bedreiging voor de kwaliteit van de rechtsstaat is dat in ons land iemands huidskleur of naam nog te vaak bepalend is voor zijn of haar kansen. Dat is onaanvaardbaar. Het maatschappelijk debat hierover schuurt soms, maar kan ons ook verder brengen in de strijd tegen discriminatie, racisme en ongelijke behandeling. Bestaande verschillen overbruggen begint bij de bereidheid naar elkaar te luisteren.

De regering realiseert zich hoe cruciaal in het publieke domein het vertrouwen is in het handelen van de overheid zelf. De overheid moet naast mensen staan, niet tegenover mensen. Daarom is het zo belangrijk dat de inwoners van Groningen die door de aardbevingen zijn getroffen zo snel mogelijk kunnen rekenen op herstel van de geleden schade en versterking van hun huizen, en is de regering er alles aan gelegen de gedupeerde ouders in de toeslagenaffaire snel te compenseren. Investeren in de kwaliteit van de publieke dienstverlening blijft noodzakelijk.

Voor de lange termijn zijn in deze periode richtinggevende keuzes gemaakt in het Pensioenakkoord en het Klimaatakkoord. Als de noodzakelijke solidariteit tussen jong en oud ergens gestalte krijgt, dan wel rond deze twee thema’s. De uitwerking en uitvoering van beide akkoorden vraagt een lange adem. Het pensioen wordt persoonlijker en transparanter. Door nu te hervormen, kan er straks voor iedereen een goed pensioen zijn. De regering hoopt in 2021 het wetsvoorstel voor de vernieuwing van het pensioenstelsel in te dienen.

Het perspectief van het Klimaatakkoord en de Klimaatwet is een vermindering van de CO2 -uitstoot met minimaal 49 procent in 2030, op weg naar een klimaatneutraal Nederland in 2050. Later dit najaar verschijnt de eerste Klimaatnota. Voor komend jaar zitten er verschillende maatregelen in het vat, zoals een CO2-heffing voor de industrie, een kleiner aandeel van kolencentrales in de elektriciteitsproductie, en maatregelen om de circulaire economie, waarin afval weer grondstof wordt, te stimuleren.

Daarbovenop wil de regering een vliegende start maken met het Nationaal Groeifonds. Dit fonds is er voor het toekomstig verdienvermogen van ons land en daarmee voor de welvaart van morgen. Met het fonds wil de regering investeren in kennisontwikkeling, innovatie en infrastructuur. Dat laatste omvat naast wegen en spoor ook de digitale snelweg en de infrastructuur voor energie. De unieke schaal en de looptijd van het fonds maken het mogelijk Nederland welvarender, schoner en duurzamer over te dragen aan de jongeren van nu. Voor de komende vijf jaar is een bedrag van 20 miljard euro beschikbaar.

Tot slot is door het coronavirus nog duidelijker geworden hoe belangrijk het is ervoor te zorgen dat ook voor volgende generaties de beste zorg beschikbaar blijft. Uit vele internationale vergelijkingen blijkt dat de Nederlandse zorg van wereldklasse is. Maar dat neemt niet weg dat er een grens is aan de spankracht van de zorginstellingen en de mensen die er werken. Voor de korte termijn moeten we daar lessen uit trekken om voorbereid te zijn op een mogelijke tweede golf. Voor de lange termijn dringen zich andere lessen op, die bijvoorbeeld te maken hebben met de organisatie van de zorg en de werkdruk van het zorgpersoneel, de vraag of meer zorg op afstand mogelijk is en de noodzaak van preventie en zorginnovaties. Het kabinet komt met voorstellen om zoveel mogelijk mensen voor de zorg te behouden en nog meer mensen te verleiden voor deze sector te kiezen, bijvoorbeeld met meer doorgroeimogelijkheden, minder administratie en meer zeggenschap. De waardering voor de werkers in de zorg komt ook tot uitdrukking in een extra bonus voor extra inspanningen, dit jaar en volgend jaar.

Leden van de Staten-Generaal,

De coronacrisis stelt ons ernstig op de proef in alles wat van waarde is: gezondheid, werk, familie en vriendschappen. En we realiseren ons: juist nu wordt gezamenlijkheid en verantwoordelijkheid gevraagd. Bij elke generatie leven in deze tijd specifieke zorgen en vragen. Maar precies in de verbondenheid tussen generaties kan iedereen, jong en oud, op zijn of haar eigen plaats een bijdrage leveren om deze moeilijke periode te boven te komen. Onze belangrijkste zekerheid is dat Nederland economisch, sociaal en mentaal steeds veerkracht toont. De opdracht in het parlementaire jaar dat vandaag begint, is over deze crisis heen de toekomst te blijven zien en te blijven werken aan perspectief voor alle generaties. U mag zich in uw werk gesteund weten door het besef dat velen u wijsheid toewensen en met mij om kracht en Gods zegen voor u bidden.

Nieuwsbericht 2020

Lees meer informatie over Prinsjesdag 15 september 2020.

Video Troonrede 2019

Koning Willem-Alexander spreekt de Troonrede 2019 uit

(Koning Willem-Alexander zit op de troon, gekleed in een jacquetkostuum.)

Leden van de Staten-Generaal vandaag precies 75 jaar geleden begon operatie Market Garden.
Na jaren van knechting en tirannie kwam de hoop op een betere toekomst die dag letterlijk van boven in de vorm van duizenden geallieerde parachutisten.
Ooggetuigen die op 17 september 1944 de lucht boven Eindhoven, Arnhem en Nijmegen donker zagen kleuren zouden dat beeld nooit vergeten.

(Het publiek in de Ridderzaal.)

75 jaar later lijken vrijheid, democratie en een sterke rechtsstaat vanzelfsprekende waarden.
Maar wie de wereld beschouwt, realiseert zich hoe bijzonder het is te leven in een land waarin mensen zich veilig kunnen voelen.

(De koning slaat een blad om.)

Waarin vrijheid samengaat met verdraagzaamheid en verantwoordelijkheidsgevoel en waarin mensen nog altijd iets voor een ander overhebben.
Hoewel in het publieke debat en op social media tegenstellingen soms de boventoon lijken te voeren is de dagelijkse realiteit voor de meesten van ons anders.
Nederland blijft een land van vrijwilligers en van verstandige compromissen in het brede midden.
Van jong tot oud, van werkvloer tot bestuurskamer en van Willemstad tot Amsterdam willen mensen meedoen en hun bijdrage leveren.
Dat is wat ons bindt en wat we met elkaar moeten koesteren.
In die traditie is Nederland na de bevrijding met hard werken opgebouwd door de generaties voor ons.
Behoud en versterking van alles wat is bereikt is onze verplichting aan de generaties na ons.
In het hart van het regeerakkoord ligt daarom de ambitie te bouwen aan een samenleving waarin mensen zich zeker voelen en vertrouwen in de toekomst hebben, houden of herwinnen.
Dat vertrouwen begint bij een sterke rechtsstaat die beschermt tegen criminaliteit, willekeur en machtsmisbruik.
Bij waardevol werk en een fatsoenlijk inkomen.
Bij gezondheid en goede, toegankelijke zorg.
Bij een opleiding die kansen biedt, bij een stevig sociaal netwerk van familie, vrienden, geloofsgemeenschappen en verenigingen en bij een betaalbaar huis in een veilige buurt.

(Verschillende leden van het kabinet.)

Vaak voeren we de discussie aan de hand van cijfers maar de levens van ruim zeventien miljoen individuele Nederlanders passen niet in een mal.
Mensen volgen een opleiding, veranderen van baan, starten een onderneming kopen een huis, gaan relaties aan, krijgen kinderen of worden getroffen door ziekte of verlies van een dierbare.
Het zijn dit soort keuzes en gebeurtenissen die grote impact hebben.
Veel groter dan een koopkrachtcijfer een macro-economisch groeipercentage of een belastingmaatregel.
Geen enkel leven voegt zich naar de mediaan van een statistisch model.
Tegelijkertijd staat buiten kijf dat een sterke economie nodig is om met elkaar verder te bouwen aan een sterk Nederland.
Goede voorzieningen kosten nu eenmaal geld dat eerst moet worden verdiend.
De vooruitzichten voor volgend jaar zijn nog altijd positief.
Niet eerder hadden zoveel mensen betaald werk.
De staatsschuld is onder controle en de lasten kunnen omlaag.
Zowel de ramingen van de groei als de koopkracht en het begrotingssaldo laten voor komend jaar plussen zien.
Maar de realiteit is ook dat Nederland de komende jaren in een fase van gematigder groei komt.
Onze internationaal georiënteerde economie is kwetsbaar voor verstoringen op de wereldmarkt vooral als gevolg van handelsconflicten.
Bovendien werpt de dreigende brexit zijn schaduw vooruit.
Daarmee geldt zowel voor de korte als de lange termijn een winstwaarschuwing die dwingt tot nadenken over de vraag hoe Nederland in de toekomst zijn geld verdient en een land met goede voorzieningen kan blijven.
In het regeerakkoord is afgesproken publieke voorzieningen sterker te maken.
Dat is over de volle breedte werk in uitvoering.
Zo krijgen de medewerkers in de verpleeghuizen meer tijd en ruimte om persoonlijke aandacht te geven aan bewoners.
Onze militairen kunnen met nieuw materieel hun werk beter doen.
Er komen meer politieagenten.
We investeren in wegen en spoor.
In heel Nederland komen regionale plannen tot uitvoering om de leefbaarheid van het platteland te verbeteren en economische kansen te benutten.
Samen met gemeenten en maatschappelijke organisaties is een groot offensief gestart om problematische schulden in gezinnen te voorkomen of terug te dringen.
Er worden maatregelen genomen om ervoor te zorgen dat mensen met een beperking makkelijker aan het werk kunnen komen.
En ook in Caribisch Nederland verbeteren we de koopkracht en de infrastructuur en versterken we het bestuur.
De regering realiseert zich terdege dat niet elk vraagstuk met een financiële injectie meteen is opgelost.
Zo is er een forse extra investering gedaan om het vak van leraar aantrekkelijker te maken met een lagere werkdruk en meer werkplezier als resultaat.
Ook zien we een toenemende belangstelling voor de pabo en voor zij-instroom in het primair onderwijs.
Desondanks blijft het probleem van het lerarentekort nijpend.
De regering blijft bevorderen dat nog meer mensen voor dit mooie beroep kiezen.
Met het pensioenakkoord en het klimaatakkoord verzetten we als land de bakens voor de middellange en de lange termijn.
Ook de generaties na ons hebben recht op een goed pensioen schone lucht en een leefbaar land.
De grote veranderingen die nodig zijn, vragen een vooruitziende blik zoals ook de ingrijpende besluiten om Nederland veilig te houden met de Afsluitdijk en de Deltawerken.
Dat waren investeringen uit noodzaak die ons de kennis en de ervaring hebben opgeleverd om nu in eigen land en wereldwijd te werken aan waterveiligheid voor de 21e eeuw.
De keuze voor een klimaatneutraal Nederland in 2050 is even noodzakelijk en even kansrijk.
Schone lucht en nieuwe vormen van energie kunnen hand in hand gaan met duurzame landbouw, schone mobiliteit en kansen voor een innovatief bedrijfsleven.

(De koningin zit op een troon naast de koning.)

De uitvoering van het pensioenakkoord en het klimaatakkoord start dit parlementaire jaar.
U kunt voorstellen verwachten om de AOW-leeftijd minder snel te laten stijgen en ervoor te zorgen dat mensen gezond en werkend hun pensioen kunnen halen.
Voor het klimaatakkoord geldt dat de doelen worden gehaald terwijl de rekening eerlijk wordt verdeeld en niet alles ineens anders hoeft.
We zetten nu de eerste stappen.
Voor de industrie komt er een CO2-heffing.
Huishoudens worden in staat gesteld de energietransitie stap voor stap mee te maken.
De energiebelasting daalt en er komt een warmtefonds als stimulans voor huiseigenaren om te investeren in klimaatmaatregelen.
Een aantal concrete plannen voor de korte termijn komt boven op het regeerakkoord.
Een land is niet statisch.
Nieuwe urgente vraagstukken dienen zich steeds aan.
Zo dwingt een gerechtelijke uitspraak over de uitstoot van stikstof te zoeken naar een nieuwe aanpak, waarbij ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk blijven.
Een ander voorbeeld is het besluit knelpunten in de jeugdzorg aan te pakken met extra geld voor gemeenten.
Om sneller en meer woningen te kunnen bouwen voor starters en middeninkomens komt er een woningbouwimpuls en krijgen corporaties die meer sociale woningen bouwen een korting op de verhuurdersheffing.

(Prinses Laurentien en prins Constantijn.)

Met meer armslag voor de rechtspraak en het Openbaar Ministerie versterken we de rechtsstaat.
Een laatste voorbeeld is het besluit de gaswinning in Groningen nog sneller terug te draaien dan eerder besloten.
Mensen die in een huis wonen dat versterkt moet worden mogen op meer urgentie rekenen en de regering investeert met het Nationaal Programma Groningen in de toekomst van het hele gebied.

(De koning heeft een korte baard.)

Daarnaast wil het kabinet in de komende periode enkele lijnen voor de lange termijn uitzetten.
Een belangrijke vraag is hoe de Nederlandse economie ook over twintig of dertig jaar duurzaam kan blijven groeien.
Daarvoor komt de regering nog dit jaar met een breed opgezette groeiagenda en begin volgend jaar met een opzet voor een investeringsfonds.
Het doel is specifieke projecten mogelijk te maken in de sfeer van kennisontwikkeling, innovatie en infrastructuur die het fundament onder de economie van de toekomst sterker maken.

(Minister De Jonge en premier Rutte.)

Grote vragen voor de lange termijn spelen ook in de zorgsector.
Het is positief dat we gemiddeld steeds langer leven maar daarmee stijgt ook het aantal chronische aandoeningen en is er steeds meer zorg nodig terwijl er grenzen zijn aan de beschikbaarheid van mensen en middelen.
In deze periode worden al belangrijke stappen gezet.
Bijvoorbeeld met gerichte maatregelen om meer mensen te laten kiezen en te behouden voor een carrière in de zorg.
Met sectorbrede akkoorden om de groei van de uitgaven te beperken en de zorg beter te maken.
En met het sportakkoord en preventieakkoord die de toekomstige zorgvraag beïnvloeden.
Maar er is meer nodig.
De vraag voor de lange termijn is hoe houden we de zorg goed en toegankelijk voor iedereen?
Hoe zorgen we straks voor genoeg liefdevolle handen aan het bed en in de thuiszorg, de onmisbare mensen die dag en nacht beschikbaar zijn?
En hoe passen we technische zorginnovaties op brede schaal toe?
Voor de zomer van 2020 schetst de regering de contouren voor de toekomstige organisatie van de zorg.

(Koningin Máxima draagt een robijnrode jurk met een korte cape.)

Vertrouwen in de toekomst heeft ook te maken met de manier waarop mensen zich vertegenwoordigd voelen en met de kwaliteit van de publieke dienstverlening.
Politiek en overheid moeten van iedereen zijn en er voor iedereen zijn.
De ambitie is om op beide punten verbeteringen door te voeren.
In reactie op het advies van de staatscommissie parlementair stelsel doet de regering voorstellen voor de vernieuwing en vereenvoudiging van het kiesstelsel met meer mogelijkheden voor kiezers om invloed uit te oefenen op wie er precies in de Tweede Kamer komt.
Om de stem van jongeren luider te laten klinken, komt er een jongerenparlement.
De dienstverlening van de overheid moet veel hoger op de agenda.
Uitvoeringsorganisaties als de Belastingdienst en het UWV zijn het gezicht van de overheid.
Daar komen de mensen de overheid tegen.
Ze mogen eenvoudigweg verwachten aan het overheidsloket goed te worden geholpen.
De oorzaken van de huidige problemen zijn divers.
Verouderde ICT, personeelstekorten en te veel te gedetailleerd beleid waardoor de uitvoering te ingewikkeld wordt.
Medewerkers van uitvoeringsorganisaties staan hierdoor soms voor een onmogelijke opgave en de menselijke maat verdwijnt uit het gezicht.
De structurele verbeteringen die nodig zijn vragen tijd en een samenhangende aanpak waarvoor de regering voorstellen zal doen.
Uiteraard realiseren we ons bij de start van de viering van 75 jaar bevrijding nog eens extra hoezeer welvaart en welzijn in Nederland afhangen van de internationale context.
Onze bevrijders kwamen van over de grens.
En de belofte van een betere toekomst die toen zo intens werd gevoeld kreeg na de oorlog internationaal vorm en inhoud door nieuwe organisaties als de Verenigde Naties, de NAVO en de Europese Unie.
Die internationale inbedding heeft ons land veel gebracht.
Het goed functioneren van de naoorlogse multilaterale wereldorde en de internationale stabiliteit zijn cruciaal voor onze rechtsstaat en voor de kracht van onze economie.
Het Nederlandse belang en onze internationale verantwoordelijkheid om de waarden van vrijheid, democratie en rechtsstaat verder te brengen liggen in elkaars verlengde.
Die gedachte ligt ook ten grondslag aan het beleid op het terrein van ontwikkelingssamenwerking en de inzet van onze militairen die uitgezonden zijn.
Mede dankzij hen leven wij al 75 jaar in vrede en veiligheid.
Maar datzelfde multilaterale systeem staat onder druk.
De spelregels veranderen in snel tempo.
De positie van landen als China en India als economische en politieke grootmachten en de opstelling van Rusland veranderen de geopolitieke verhoudingen.
De oude en waardevolle partnerschappen met de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk krijgen ten dele een andere invulling.
De vrije wereldhandel wordt bedreigd door protectionisme en handelsconflicten.
Nederland en Europa moeten daarop zelfbewust en met realisme inspelen.
Voor de regering staat buiten kijf dat de trans-Atlantische samenwerking en de Europese Unie de hoekstenen zijn van het Nederlandse buitenlands beleid.
Wel moet het naoorlogse multilaterale systeem in tal van opzichten dringend bij de tijd worden gebracht.
Voorbeelden zijn de internationale bescherming van intellectueel eigendom cyberveiligheid en de effectiviteit van de besluitvorming in de VN en de Wereldhandelsorganisatie.
Een blik op de kaart laat zien dat een sterke en eensgezinde Europese Unie steeds noodzakelijker wordt om de belangen van de afzonderlijke lidstaten te bevorderen zeker ook het Nederlandse belang.
Draagvlak en effectiviteit vragen een Unie die duidelijke prioriteiten stelt gezamenlijk kansen grijpt en werkt aan grensoverschrijdende problemen die landen niet alleen kunnen oplossen.
De Nederlandse prioriteiten komen herkenbaar terug in de nieuwe strategische agenda: veiligheid een sterke en duurzame Europese economie, een gezamenlijk klimaatbeleid eerbiediging van de rechtsstaat en niet in de laatste plaats een effectief migratiestelsel.
Het aantal migranten dat naar Europa komt is ten opzichte van 2015 weliswaar sterk gedaald maar de aanhoudende druk op de Europese buitengrenzen het afschuwelijke lot van veel migranten die de Middellandse Zee proberen over te steken en de gebrekkige onderlinge solidariteit tussen de EU-lidstaten vragen nieuwe stappen.
Ieder land moet zijn deel doen.
Nederland vangt vluchtelingen, de mensen die onze hulp echt nodig hebben altijd op en biedt hun een kans om mee te doen met alle rechten en plichten die daarbij horen.
Juist daarom moet aan asielzoekers die geen kans maken op een status en van wie een deel overlast veroorzaakt, een halt worden toegeroepen.
Ook hierin moet de EU gezamenlijk optreden zeker in de richting van de landen van herkomst.
Zo blijft het draagvlak voor een humaan en eerlijk asielbeleid intact.
Door de politieke en humanitaire crisis in Venezuela wordt ook het Caribisch deel van het Koninkrijk geconfronteerd met de dreiging van grootschalige migratie en de economische gevolgen daarvan.
Er is vanuit Nederland praktische hulp en bijstand beschikbaar.
Leden van de Staten-Generaal een 96-jarige oud-Engelandvaarder die als lid van de Prinses Irene Brigade deelnam aan de bevrijding van ons land zei laatst het volgende.
Ik voel me verantwoordelijk om door te geven aan jongere generaties dat je in verzet moet komen als het nodig is.
Het zijn de woorden van Rudi Hemmes.
Als jonge man maakte deze held met gevaar voor eigen leven een keuze voor de toekomst van ons land.
En nu, 75 jaar later, is het nog altijd de toekomst die hem drijft.
Dat is niet alleen inspirerend, het is een opdracht aan ons allen.
Op u, leden van de Staten-Generaal rust daarbij een speciale verantwoordelijkheid.
U mag zich in uw werk gesteund weten door het besef dat velen u wijsheid toewensen en met mij om kracht en Gods zegen voor u bidden.

(De koning komt overeind van de troon. De voorzitter van de Eerste Kamer en de andere aanwezigen staan ook op en steken hun hand op.)

Leve de koning.
Hoera! Hoera! Hoera!

(Premier Rutte glimlacht. De mensen staan nog steeds. Het beeld wordt zwart.)

Nieuwsbericht 2019

Lees meer informatie over Prinsjesdag 17 september 2019.

Video Troonrede 2018

Koning Willem-Alexander spreekt de Troonrede 2018 uit

Leden van de Staten-Generaal,

In het parlementaire jaar dat voor ons ligt, start de herdenking van 75 jaar bevrijding. In het najaar van 1944 werd de bezetter uit grote delen van Zuid-Nederland verdreven. Boven de grote rivieren duurde het nog een lange Hongerwinter voordat ook daar het Wilhelmus weer klonk.

Op herdenkingsmomenten als deze realiseren we ons hoe sterk het land is dat sindsdien is opgebouwd. Sterk in termen van welvaart, ondernemerschap en bestaanszekerheid. Sterk door de democratische waarden die verankerd zijn in onze rechtsstaat: gelijkwaardigheid, tolerantie, vrijheid en rechtszekerheid. En Nederland is sterk door de beschikbaarheid van zorg, onderwijs en een dak boven het hoofd. Zo vertelt de naoorlogse geschiedenis een verhaal van vooruitgang en verbetering. Ondanks perioden van neergang is de richting omhoog en vooruit.

De regering wil dit sterke land nog beter maken. De economische voorwaarden zijn daarvoor aanwezig. In 2019 groeit de economie voor het zesde jaar op rij. Naar verwachting neemt het nationaal inkomen volgend jaar met 2,6 procent toe en bedraagt het overschot op de rijksbegroting 1 procent. Hierdoor wordt de staatsschuld lager en is Nederland beter voorbereid op toekomstige economische schokken. De werkloosheid daalt naar een historisch laag niveau van 3,5 procent.

Daarmee is dit het moment om opnieuw richting te kiezen. Om keuzes te maken die ruimte en zekerheid bieden in het hier en nu en voor volgende generaties. Meer mensen moeten concreet merken dat het goed gaat: thuis, op het werk en in de wijk. Mensen moeten ook weer voelen dat de politiek er voor iedereen is. Er leven vragen: kunnen wij en onze kinderen blijven rekenen op goede zorg, een betaalbaar huis, een baan, goed onderwijs, een veilige buurt, een schone leefomgeving en een goed pensioen? En er is de vraag die niet in een rekenmachine past: leven we in Nederland wel voldoende met elkaar en niet te veel naast elkaar? Een steeds beter land is niet vanzelfsprekend, maar vergt permanent onderhoud en vernieuwing. Vertrouwen in de toekomst is werk in uitvoering.

Bouwen aan een hechte samenleving gaat iedereen in ons land aan. Vooropgesteld: er gaat veel goed. Nederland is een land van vrijwilligers, kerken en verenigingen, dat samenkomt rond bijzondere sportprestaties en op nationale feestdagen. Waar het niet goed gaat, wil de regering actie ondernemen. Dat is niet in één programma of wet te regelen, want een hechte samenleving omvat alle beleidsterreinen en alle bestuurslagen.

De regering neemt initiatieven om eenzaamheid onder ouderen tegen te gaan en kwetsbare groepen meer vaste grond onder de voeten te geven. We mogen niet berusten in het feit dat meer dan de helft van de 75+’ers zegt zich eenzaam te voelen. We mogen ook niet accepteren dat mensen met problematische schulden, personen met verward gedrag en een groeiend aantal zwerfjongeren aan de rand van de samenleving komen te staan. Samen met provincies, gemeenten en lokale instanties wil het Rijk brede coalities vormen om mensen uit hun isolement te halen en een nieuwe kans te geven.

De regering investeert ook in historisch besef en culturele diversiteit. Erfgoed en cultuur laten ons zien waar we vandaan komen, houden ons een spiegel voor in het heden en zijn zo van grote betekenis voor de toekomst van ons land. Er komt in deze kabinetsperiode 325 miljoen euro extra beschikbaar voor erfgoed. Het budget voor cultuur stijgt met een bedrag dat oploopt naar 80 miljoen euro per jaar vanaf 2020. Daarmee komt er meer ruimte voor nieuw artistiek talent en wordt het mogelijk dat alle kinderen tijdens hun schooltijd een museum bezoeken.

Bouwen aan een hechte samenleving gaat uiteraard ook over integratie. In de voorstellen voor een nieuw inburgeringsstelsel kunnen en moeten statushouders direct aan het werk gaan en zo snel mogelijk goed Nederlands leren. Werk en taal zijn immers de kortste weg naar volwaardig meedoen in de samenleving.

Voor de kracht van de samenleving is het positief dat mensen volgend jaar meer te besteden krijgen, zowel de brede middengroep van mensen met een modaal inkomen als ouderen en uitkeringsgerechtigden. De lonen in ons land stijgen. Mensen vinden weer een baan, maken carrière of gaan meer uren werken. En door een modernisering van ons belastingstelsel gaat werken meer lonen. De belasting op consumptie gaat iets omhoog, waardoor ruimte ontstaat voor lagere lasten op arbeid. Per saldo houden huishoudens de komende jaren meer over.

De gunstige economie biedt ruimte om de sociaaleconomische structuur van ons land sterker en moderner te maken. Het wetsvoorstel Arbeidsmarkt in balans heeft als doel dat het voor werkgevers minder risicovol wordt mensen een vast contract aan te bieden. De regering wil daarnaast schijnzelfstandigheid tegengaan. Zzp’ers die bewust kiezen voor het ondernemerschap wordt niets in de weg gelegd. Omdat een moderne arbeidsmarkt rekening houdt met persoonlijke omstandigheden, wordt het geboorteverlof voor partners verlengd van twee dagen tot maximaal zes weken. Nog teveel mensen met een arbeidsbeperking staan ongewild langs de kant. De regering start een breed offensief om aan hen meer kans te geven op een volwaardige baan. Werken moet lonen, ook voor deze groep.

Het huidige pensioenstelsel maakt collectieve verwachtingen van mensen steeds minder waar. De stijgende levensverwachting, veranderingen op de arbeidsmarkt en de aanhoudend lage rente hebben kwetsbaarheden aan het licht gebracht. De regering wil samen met sociale partners werken aan een pensioenstelsel dat deze kwetsbaarheden niet kent en dat tegelijkertijd sterke elementen als de collectieve uitvoering en risicodeling handhaaft.

Nederland heeft van oudsher een goed vestigingsklimaat en dat moet zo blijven. Ook daarom blijven we de komende jaren investeren in onderwijs, innovatie en wetenschap, en een aantrekkelijke woonomgeving. Voor een inhaalslag in infrastructuur is in deze kabinetsperiode 2 miljard euro extra beschikbaar. Daarmee worden fileknelpunten aangepakt, de verkeersveiligheid verbeterd en het openbaar vervoer versterkt. Met fiscale maatregelen vergroten we de aantrekkingskracht van ons land voor grote en kleinere bedrijven. De vennootschapsbelasting wordt lager en de dividendbelasting wordt afgeschaft. We willen echte bedrijvigheid belonen en alleen bedrijven naar ons land halen die wat toevoegen aan onze economie. Belastingontwijking, zoals in het geval van brievenbusfirma’s, wordt daarom tegengegaan.

De gunstige economie biedt ook ruimte om te investeren in voorzieningen en vakmensen die de basis vormen onder een sterk land. Dat doen we met oog voor verpleegkundigen én hun patiënten en cliënten. Met verbeteringen voor leraren én leerlingen. Met aandacht voor meer agenten én veiligheid op straat. Met erkenning van de grote betekenis van het werk van onze militairen in binnen- en buitenland. En met waardering voor onze boeren, tuinders en vissers, die onder soms moeilijke omstandigheden zorgen voor ons voedsel.

Het kabinet komt met gerichte maatregelen om landbouw en natuur meer met elkaar te verbinden. Daarnaast komt er een fonds voor jonge boeren die het bedrijf van hun ouders willen overnemen.

In het vorige begrotingsjaar is al extra geld vrijgemaakt voor zorg aan ouderen, zodat zij kunnen vertrouwen op voldoende tijd, aandacht en goede zorg, thuis of in het verpleeghuis. Die trend zet door. Het extra bedrag voor de ouderenzorg loopt in deze kabinetsperiode op naar ongeveer 3 miljard euro per jaar. Ook onze kinderen en kleinkinderen hebben recht op goede en voor iedereen toegankelijke zorg. Daar moeten we nu aan werken, want de groep ouderen wordt groter en de ontwikkeling van nieuwe medische technieken en medicijnen staat niet stil. In de collectieve uitgaven gaat nu van elke euro al meer dan 25 cent naar de zorg. Daarom zijn met de ziekenhuizen, huisartsen, wijkverpleegkundigen en de ggz nieuwe akkoorden gesloten over de kwaliteit en een beheerste kostengroei.

Om beter te kunnen voldoen aan de grote vraag naar technisch personeel krijgen vmbo-scholen met een technisch profiel extra geld. Het kabinet investeert daarnaast fors extra in voor- en vroegschools onderwijs, zodat de jongste kinderen met het risico op een achterstand meer aandacht krijgen. Om het nijpende lerarentekort aan te pakken, is geld vrijgemaakt voor hogere salarissen in het primair onderwijs, verlaging van de werkdruk en halvering van het collegegeld in de eerste twee jaar van de lerarenopleiding. Het lerarentekort vraagt ook de komende jaren om actie en samenwerking van alle partijen in het onderwijs.

De bestrijding van grootschalige en georganiseerde criminaliteit vraagt meer aandacht. Nederland is een rechtsstaat waar criminelen niet de dienst uitmaken. We berusten dus niet in verloedering, in criminele afrekeningen en in drugscriminaliteit die in sommige delen van ons land industriële vormen aanneemt. Er komen ruim 1100 agenten bij, van wie het merendeel in de wijken gaat werken. Een groeiend probleem is de vermenging van onder- en bovenwereld. Met een speciaal fonds dringen we deze zogeheten ‘ondermijning’ terug. Daarnaast komt extra geld beschikbaar voor cybersecurity, omdat het nodig is de digitale infrastructuur van ons land te beveiligen.

Onze militairen hebben binnen en buiten de landsgrenzen een belangrijke taak om Nederland veilig te houden. Na jaren van bezuinigen zet de trendbreuk van hogere defensie-uitgaven in 2019 en daarna steviger door. Het gaat om een bedrag dat oploopt naar 1,5 miljard euro extra per jaar aan het einde van deze kabinetsperiode. Dat is een verhoging van de defensiebegroting met 17 procent. Met deze noodzakelijke investering kan de krijgsmacht haar grondwettelijke taak het Koninkrijk te beschermen beter uitvoeren.

Een groot probleem is de oververhitte woningmarkt. Vooral in de grote steden zijn betaalbare woningen schaars en komen starters er niet of nauwelijks tussen. Er is grote behoefte aan woningen met een huur van 700 tot 1000 euro per maand. De regering slaat de handen ineen met gemeenten, woningcorporaties en bouwers. Het gezamenlijke doel is de bestaande woningvoorraad beter te benutten, uitwassen op de huurmarkt tegen te gaan en een inhaalslag te maken in de bouw van nieuwe huizen. De ambitie is om per jaar gemiddeld 75.000 woningen te bouwen. Het spreekt vanzelf dat de problemen niet met één druk op de knop zijn op te lossen. Maar het is wel noodzakelijk het tij te keren.

Datzelfde geldt voor het klimaatbeleid. Net zoals deze generatie volgende generaties niet mag opzadelen met een onhoudbare staatsschuld, mogen we ook geen milieuschuld doorgeven. De realiteit is dat het klimaatbeleid raakt aan onze hele manier van wonen, werken en leven. Tegelijkertijd biedt een ambitieus klimaatbeleid kansen voor de innovatiekracht van Nederland. In de zomer presenteerden vertegenwoordigers van de industrie, energiesector, landbouw, natuurorganisaties en logistieke bedrijven een voorstel voor hoofdlijnen van een klimaatakkoord. Bij de uitwerking staat voorop dat de omslag naar schonere energiebronnen en productiemethoden voor iedereen in ons land haalbaar en betaalbaar moet zijn. Deze grote bocht kunnen we alleen met elkaar maken. Het parlementaire initiatief voor de klimaatwet laat zien dat dit mogelijk is.

De urgentie van de energietransitie is alleen maar groter geworden na het besluit om de gaswinning in Groningen zo snel mogelijk af te bouwen naar nul. Met dit besluit wil de regering recht doen aan de inwoners van het aardbevingsgebied. Natuurlijk zijn hiermee niet ineens alle problemen opgelost. Daarom zet de regering concrete vervolgstappen om de schade te vergoeden en de regionale economie te versterken.

Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen kunnen veel doelen alleen samen bereiken. De energietransitie, de veiligheid op straat, de zorg voor een vitaal en leefbaar platteland, maar ook de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling – het vraagt allemaal om bestuurlijke samenwerking. De rol van de medeoverheden wordt groter en belangrijker. De groei van het gemeente- en provinciefonds helpt hen alle taken goed te kunnen blijven uitvoeren.

Leden van de Staten-Generaal, de naoorlogse geschiedenis bewijst dat bouwen aan een sterk Nederland niet kan zonder de blik naar buiten te richten. In de inbedding van ons land in internationale structuren ligt de basis voor blijvende welvaart en veiligheid. Vanuit dit dragend principe is Nederland actief lid van de NAVO, de VN, de EU en organisaties als de Wereldhandelsorganisatie.

De multilaterale wereldorde die na de Tweede Wereldoorlog is opgebouwd staat onder druk. De bedreigingen voor de internationale rechtsorde en de vrije wereldhandel zijn legio, zowel in de ring rond Europa als verder weg. Het is een direct Nederlands belang om een bijdrage te leveren aan een stabiele internationale omgeving. De Nederlandse militairen, die zich daar onder de moeilijkste omstandigheden voor inzetten, hebben onze onvoorwaardelijke steun.

Tot 1 januari 2019 is het Koninkrijk der Nederlanden lid van de Veiligheidsraad. In die rol leggen we de nadruk onder andere op modernisering van de VN-organisatie en VN-missies en op meer aandacht voor het voorkomen van conflicten. De Nederlandse ontwikkelingssamenwerking wordt gedragen door de beproefde combinatie van hulp en handel. Er komt extra geld en aandacht voor hulp aan vluchtelingen, voor opvang in de regio, voor onderwijs in ontwikkelingslanden en voor ondersteuning bij het realiseren van klimaatdoelstellingen.

Het dichtstbij zijn onze partners in de Europese Unie, met wie we samen werken aan veiligheid, stabiliteit en welvaart voor alle inwoners van de lidstaten. Het lidmaatschap van de EU maakt ons land sterker in een wereld waarin machtsverhoudingen verschuiven en oude allianties niet meer vanzelfsprekend zijn. Het is een Nederlands belang dat Europa zich collectief sterk blijft maken voor vrije wereldhandel en tegen de dreiging van importtarieven en andere handelsbelemmeringen.

Voor de Europese Unie wordt 2019 een intensief jaar met een nieuwe Europese Commissie en een nog onvoorspelbare brexit. De Nederlandse regering blijft zich met een positieve agenda sterk maken voor een betere EU, die zich richt op kerntaken en afspraken nakomt. Gezamenlijk moeten we de interne markt verder verdiepen en de euro sterker maken. Samen staan we pal voor de rechtsstaat. En alleen samen kunnen we de onrust aan de buitengrenzen van Europa en het migratievraagstuk effectief aanpakken.

In Koninkrijksverband heeft de wederopbouw van Sint Maarten, Sint Eustatius en Saba hoge prioriteit na twee vernietigende orkanen in 2017. De komende jaren wordt hiervoor ruim 600 miljoen euro vrijgemaakt. Met de regeringen van Curaçao en Aruba werkt Nederland aan concrete verbeteringen. Bijvoorbeeld door meer Nederlandse bedrijven te interesseren om op Curaçao te investeren en door de verbetering van de jeugdhulpverlening op Aruba te ondersteunen. De gezamenlijke kustwacht heeft een cruciale rol in het beheersen van migratiestromen en de rechtshandhaving. Op Bonaire, Sint Eustatius en Saba neemt de regering concrete maatregelen om de armoede terug te dringen. De werkgeverslasten in Caribisch Nederland worden met 5 procent verlaagd, waardoor het minimumloon en de uitkeringen met 5 procent kunnen stijgen. Daarnaast is 30 miljoen euro beschikbaar voor armoedebestrijding, infrastructuur en economische ontwikkeling. Zo blijven we samen vorm geven aan een Koninkrijk waarin we elkaar terzijde staan.

Leden van de Staten-Generaal,

Honderd jaar geleden vonden in Nederland de eerste verkiezingen plaats na de invoering van het algemeen mannenkiesrecht en het systeem van evenredige vertegenwoordiging. Traditionele stromingen verloren terrein. De scheidslijnen van de verzuiling tekenden zich scherper af dan daarvoor. En zowel ter linker- als ter rechterzijde dienden zich nieuwe, vaak kleine fracties aan. Het confessionele kabinet-Ruijs de Beerenbrouck dat in september 1918 aantrad, in de nasleep van de Eerste Wereldoorlog, steunde op precies de helft van het aantal zetels in de Tweede Kamer. Desalniettemin wist het met de invoering van de achturige werkdag en het algemeen vrouwenkiesrecht wezenlijke verbeteringen door te voeren. Daarom vieren we in 2019 honderd jaar kiesrecht voor alle Nederlanders.

Ieder tijdsgewricht is uniek. Maar misschien mag één parallel met het heden wel getrokken worden. Het kabinet realiseert zich dat er bij de uitvoering van het regeerakkoord geen vanzelfsprekende grote meerderheden zijn. Er is wel de Nederlandse traditie dat we met elkaar een sterk land stap voor stap steeds beter maken. In die traditie wil de regering werken, samen met u en samen met iedereen in ons land.

In ons democratisch bestel rust daarbij een speciale verantwoordelijkheid op u, leden van de Staten-Generaal. U mag zich in uw werk gesteund weten door het besef dat velen u wijsheid toewensen en met mij om kracht en Gods zegen voor u bidden.

Nieuwsbericht 2018

Lees meer informatie over Prinsjesdag 18 september 2018.

Video Troonrede 2017

Koning Willem-Alexander spreekt de Troonrede 2017 uit

Leden van de Staten-Generaal,

Op Prinsjesdag zijn alle ogen traditioneel gericht op Den Haag. Maar vandaag zijn ons hart en onze gedachten in de eerste plaats bij de inwoners van Sint Maarten, Saba en Sint Eustatius, die zo zwaar getroffen zijn door de verwoestende kracht van orkaan Irma. Wij allen leven intens mee. Juist in deze moeilijke omstandigheden wordt de onderlinge verbondenheid in het Koninkrijk zichtbaar. Van vele kanten is er steun uitgesproken en wordt hulp geboden. De regering zal doen wat in haar vermogen ligt om de acute nood te lenigen. Het Caribisch deel van het Koninkrijk staat er bij de wederopbouw niet alleen voor.

Kijkend naar Nederland zien we aan het einde van deze kabinetsperiode veel positieve ontwikkelingen. Meer mensen hebben een baan. Meer mensen kopen een huis. Ondernemers investeren meer. En we zien na moeilijke jaren weer een bloeiende economie en een gezonde schatkist. Toch merkt niet iedereen de economische groei voldoende in het dagelijks leven. Het is daarom belangrijk dat meer mensen gaan profiteren van de economische voorspoed.

Daarnaast zien we dat er in de wereld om ons heen veel aan de hand is. Denk aan alle oorlogen en gewapende conflicten die de wereld teisteren, aan de dreiging van het terrorisme en aan migratie. Ook in de geopolitieke verhoudingen verandert er het nodige.

Dat Prinsjesdag dit jaar plaatsvindt in een tijd van kabinetsvorming betekent dat terughoudendheid geboden is bij het indienen van nieuwe voorstellen. Dat ontslaat de regering niet van de plicht te doen wat in het landsbelang is. Bijsturing is altijd nodig om in te kunnen spelen op actuele ontwikkelingen.

Mede dankzij de constructieve opstelling van veel partijen in de Staten-Generaal is het fundament onder Nederland de afgelopen jaren sterker geworden. Ons land staat er stukken beter voor dan bij de start van het kabinet in 2012. Dat is het resultaat van de internationaal aantrekkende conjunctuur, maar ook van het aanpassingsvermogen, het harde werken en de veerkracht van de Nederlandse bevolking.

Na jaren van tegenwind groeit de economie weer sinds 2014. Aan het begin van deze kabinetsperiode was er nog sprake van een krimp van 1 procent. Dit jaar en volgend jaar is de verwachte groei 3,3 en 2,5 procent. Veel relevante seinen staan op groen: de export, consumptie en bedrijfsinvesteringen groeien. Het overschot op de rijksbegroting loopt verder op.

Een baan hebben of werkloos zijn, maakt een groot verschil in het leven van mensen. Daarom is het zo positief dat steeds meer mensen betaald werk hebben. De werkloosheid daalt in hoog tempo tot naar verwachting 4,3 procent volgend jaar. Maar hoe goed alle cijfers en prognoses ook zijn, niet iedereen profiteert daarvan. Er zijn nog steeds mensen die moeite hebben om iedere maand de huur te betalen en rond te komen of die zich zorgen maken over hun baanzekerheid. De regering heeft ervoor gezorgd dat alle groepen, ook sociale minima en ouderen, in 2018 in ieder geval hun koopkracht behouden.

In een open en internationaal georiënteerde samenleving als de onze is het buitenland altijd een invloedrijke factor. De tendens van de laatste jaren is helaas dat de internationale instabiliteit toeneemt. Het is een trend die zich versterkt lijkt door te zetten en die de levens van mensen direct en indirect beïnvloedt.

De internationale verwevenheid van ons land is vaak verrijkend. Nederlanders gaan in grote aantallen in het buitenland op vakantie. We staan wereldwijd in contact via sociale media. En we verdienen een groot deel van ons geld over de grens.

Globalisering is een gegeven waarop we als land moeten inspelen. Veel Nederlanders plukken er de vruchten van. Maar dat geldt niet voor iedereen en niet op alle terreinen. Zo moeten mensen steeds vaker concurreren met werknemers uit andere landen, waarbij soms niet voor iedereen dezelfde spelregels gelden of worden gehanteerd.

Spanningen elders in de wereld monden vaak uit in oorlog en geweld. Dat geweld komt soms heel dichtbij. Het meest bedreigend zijn de terroristische aanslagen in landen om ons heen. Plekken die bijna iedereen kent, kunnen zomaar veranderen in plaatsen van angst, verdriet en menselijk leed: de Promenade des Anglais, Westminster Bridge, de Ramblas. Toch moeten wij ons niet door angst laten regeren. Het beste antwoord op terrorisme is dat we vasthouden aan onze manier van leven. De betrokken veiligheidsdiensten zijn zeer alert en doen er alles aan om aanslagen te voorkomen. Bestrijden van radicalisering vraagt zowel om preventieve als repressieve acties, van aandacht op scholen tot intrekken van het Nederlanderschap.

De kracht van onze manier van leven is dat ieder mens, ongeacht afkomst of overtuiging, in Nederland zichzelf kan zijn binnen de gedeelde waarden van de rechtsstaat. De regering investeert op tal van manieren in maatschappelijke samenhang, in integratie, in de naleving van wetten en in de versterking van onze gedeelde normen en waarden. Een verbonden samenleving is bovenal een gedeelde verantwoordelijkheid en een permanente opdracht waarin gezinnen, scholen, verenigingen, kortom wij allen, een eigen en belangrijke rol hebben.

Om onze nationale veiligheid en welvaart te waarborgen werkt Nederland samen in de Europese Unie, de NAVO, de Verenigde Naties en andere internationale verbanden. Alleen samen met anderen kunnen we immers de vele internationale opgaven het hoofd bieden. Daarom is de uittreding uit de Europese Unie van een natuurlijke bondgenoot als het Verenigd Koninkrijk een teleurstellende stap, waar we zorgvuldig mee om dienen te gaan. In Brussel blijft Nederland zich hard maken voor een Europese Unie die oplossingen biedt voor vraagstukken op terreinen als veiligheid, migratie en klimaat en energie.

Zo moeten de afspraken uit het klimaatakkoord van Parijs worden verankerd in een stevig Europees klimaat- en energiebeleid. Het tegengaan van klimaatverandering is per definitie een internationale opgave, waaraan ieder land moet bijdragen. In Nederland voeren we het Energieakkoord onverkort uit. Hierin staat de reductie van CO2-uitstoot centraal.

In 2018 is het Koninkrijk lid van de VN-Veiligheidsraad. Dit lidmaatschap onderstreept onze blijvende inzet voor stabiliteit wereldwijd, met alle middelen die ons ter beschikking staan: diplomatie, ontwikkelingssamenwerking en de inzet van militairen.

Het uitzenden van onze militairen is een grote verantwoordelijkheid die past in de internationale traditie waar Nederland voor staat en die in ons belang is. De Nederlandse mannen en vrouwen die zich, ook ver van huis, inzetten voor vrede en veiligheid, verdienen onze steun en ons grote respect. De Nederlandse militaire inzet blijft primair gericht op de bredere ring van instabiliteit rond Europa, omdat die Nederland en zijn bondgenoten het meest raakt. Onlangs heeft de regering u voorstellen gedaan om de lopende missies in Litouwen, Afghanistan en Mali, en de Nederlandse bijdrage aan de strijd tegen ISIS en de bestrijding van piraterij in 2018 voort te zetten.

Om enkele urgente knelpunten aan te kunnen pakken, gaat er extra geld naar veiligheid en terrorismebestrijding. De inlichtingendiensten worden in staat gesteld meer personeel te werven. De Koninklijke Marechaussee krijgt middelen om de grensbewaking te versterken, onder andere op de luchthaven Schiphol. Om de toenemende risico’s en dreigingen in de digitale wereld beter het hoofd te kunnen bieden, komt er extra geld om op te treden tegen cyberspionage, cybersabotage en cybercriminaliteit.

Veiligheid en stabiliteit vormen ook in het Caribisch deel van het Koninkrijk de basis voor groei en welvaart. Daarom komt er extra geld voor de kustwacht en worden de inspanningen om de grensoverschrijdende en ondermijnende criminaliteit tegen te gaan, voor vier jaar voortgezet. Goed onderwijs en armoedebestrijding zijn essentieel bij het werken aan structurele verbetering van de situatie in het Caribisch deel van het Koninkrijk. De regering biedt waar mogelijk praktische ondersteuning aan lokale initiatieven. De recente afspraken over armoedebestrijding met de nieuwe regering van Curaçao zijn hiervan een voorbeeld.

De regering voelt de blijvende en bijzondere verantwoordelijkheid om recht te doen aan de onschuldige slachtoffers van vlucht MH17. Op 17 juli jongstleden, exact drie jaar na het neerhalen van het vliegtuig, kwamen hun nabestaanden bijeen in het herinneringsbos in Vijfhuizen, waar 298 bomen herinneren aan de slachtoffers. Onlangs hebben alle betrokken landen besloten dat de volgende stap, de strafrechtelijke vervolging en berechting van de daders, zal plaatsvinden in Nederland. Vanaf 2018 is daarvoor geld gereserveerd.

Voor de verpleeghuiszorg is volgend jaar meer geld beschikbaar. Het doel is om meer liefdevolle zorg te kunnen bieden aan de meest kwetsbare ouderen ,door de inzet van meer personeel. Dit komt tegemoet aan een breed levende wens in de samenleving en in de Staten-Generaal. Om te voldoen aan de normen voor kwaliteit in verpleeghuizen, wordt in 2018 een eerste stap gezet met een budgetverhoging van 435 miljoen euro.

Goed onderwijs voor alle kinderen is belangrijk en leraren maken daarin het verschil. Daarvoor verdienen zij waardering. De regering investeert 270 miljoen euro in de verbetering van en nieuwe afspraken over de arbeidsvoorwaarden in het primair onderwijs.

De gaswinning in Groningen is in deze kabinetsperiode met meer dan de helft gereduceerd en per 1 oktober aanstaande wordt de productie verder teruggebracht. Maar er is meer nodig om recht te doen aan de getroffen Groningers. Een schadefonds en een nieuw schadeprotocol zijn in voorbereiding. De regering realiseert zich dat de grote zorgen van de mensen die wonen in het aardbevingsgebied in Groningen niet zomaar zijn weggenomen.

Leden van de Staten-Generaal,

Op Prinsjesdag kijken we naar de stand van zaken in ons land, om van daaruit het beleid verder vorm te geven. Het is altijd een momentopname en nooit een eindbeeld. Voor de regering ligt er een permanente opdracht om te werken aan groei en een beter leven voor iedereen die in ons land woont. Dat past ook bij onze geschiedenis, waarin we met elkaar telkens weer de weg omhoog hebben weten te vinden.

Op de drempel van de volgende kabinetsperiode start vandaag een nieuw parlementair jaar, waarin het programma van een volgend kabinet bepalend zal zijn voor uw werk. Nederland is een coalitieland. Door samenwerking is in de achter ons liggende periode veel bereikt en er is veel om op verder te bouwen. U hebt daarin als volksvertegenwoordigers een bijzondere verantwoordelijkheid. U mag zich gesteund weten door het besef dat velen u wijsheid toewensen en met mij om kracht en Gods zegen voor u bidden.

Nieuwsbericht 2017

Lees meer informatie over Prinsjesdag 19 september 2017.

Video Troonrede 2016

Koning Willem-Alexander spreekt de Troonrede 2016 uit

Leden van de Staten-Generaal,
Nederland heeft de laatste jaren weer vaste grond onder de voeten gekregen. De financieel-economische crisis ligt achter ons. Wij leven in een welvarend en aantrekkelijk land, ook in vergelijking met andere landen, en beschikken over goede voorzieningen, een goede infrastructuur en een sterke rechtsstaat. We hebben heel veel om trots op te zijn en op verder te bouwen.

Tegelijkertijd zijn in de maalstroom van alledag onrust en onbehagen kenmerken van deze tijd. Met alles wat er wereldwijd speelt, is het begrijpelijk dat we ons als samenleving zorgen maken en sterker gaan hechten aan het vertrouwde en bekende. De internationale dreiging van terrorisme, de instabiliteit aan de buitengrenzen van Europa, het vluchtelingenvraagstuk en de economische onzekerheden op de wereldmarkt zijn immers reële problemen met een grote impact op het dagelijks leven.

Het is echter niet voor het eerst in de geschiedenis van ons land dat we oplossingen moeten zoeken voor bedreigende en onvoorspelbare ontwikkelingen. Het is ook niet voor het laatst dat we die oplossingen gezamenlijk zullen vinden. De onlangs overleden oud-premier Piet de Jong, die de verstandige omgang met onrust en verandering bijna tot kunst wist te verheffen, sprak in zijn tijd regelmatig over de noodzaak van 'bestendige vooruitgang'. Hij zei eens: 'Het is een taak van de regering uit te kijken naar wat de toekomst moet worden en zo tijdig als mogelijk is aanpassingen tot stand te brengen die nodig zijn om de kansen te grijpen die de toekomst biedt.'

Deze kabinetsperiode is gestart vanuit de overtuiging dat gezonde overheidsfinanciën en een sterke economie het fundament vormen onder een goed en solidair sociaal stelsel, goede zorg en goed onderwijs en een hoge kwaliteit van andere publieke voorzieningen voor volgende generaties. Bij alle grote veranderingen die zich hebben voorgedaan, is de doelstelling van het regeringsbeleid onveranderd gebleven: zorgen voor een toekomst waarin vooruitgang, innovatie en economische groei samen kunnen blijven gaan met bescherming, solidariteit en omzien naar elkaar - in de beste tradities van ons land.

Enkele jaren geleden stonden deze verworvenheden onder druk. De economie kromp, het begrotingstekort was bijna 4 procent en het aantal mensen op zoek naar werk piekte op 700.000, ongeveer 8 procent van onze beroepsbevolking. Daarnaast waren de huizenprijzen fors gedaald, dreigde de AOW onbetaalbaar te worden en stegen de zorgkosten jaar op jaar veel sneller dan het nationaal inkomen.

Dat ons land er nu beduidend beter voor staat dan een aantal jaren geleden en weer meedoet in de kopgroep van Europa, is een collectieve prestatie. Politieke tegenstellingen werden overbrugd en verschillende maatschappelijke belangen zijn met elkaar verenigd. Nog niet eerder werden zoveel grote hervormingen tegelijk in gang gezet, vaak met steun van oppositiepartijen en maatschappelijke organisaties. Dat gebeurde in de zorg en het onderwijs, op de arbeidsmarkt en de woningmarkt, en in de AOW, de energiesector en de financiële sector. Daarbij is veel gevraagd van iedereen. Velen brachten financiële offers en er is een groot beroep gedaan op de bereidheid veranderingen te accepteren in het dagelijks leven. Zonder het doorzettingsvermogen, het harde werken en de ondernemerszin van de Nederlandse bevolking was het resultaat minder positief geweest.

Sinds enkele jaren groeit de Nederlandse economie weer bestendig. De verwachte groei voor 2017 komt, ondanks de brexit, uit op 1,7 procent. De woningmarkt is aangetrokken en de kostenstijgingen in de zorg zijn ingeperkt. Het begrotingstekort daalt volgend jaar naar 0,5 procent en ook de staatsschuld daalt snel richting 60 procent van ons nationaal inkomen.

Daarmee komt er weer ruimte om te bewegen. Bij minder mensen staat de hypotheek onder water, waardoor verhuizen gemakkelijker wordt. Huurders krijgen meer financiële ruimte door een verhoging van de huurtoeslag. Ondernemers die vertrouwen in de toekomst hebben, investeren eerder in werknemers en in de vernieuwing van hun bedrijf. En gezinnen krijgen meer te besteden.

Steeds meer mensen vinden weer werk. Na 2014 kwamen er in ons land meer dan 225.000 banen bij. Stap voor stap is de werkloosheid teruggedrongen naar 5,8 procent. Het is positief dat meer werkzoekenden boven de 45 jaar een baan vinden. Het aantal jongeren dat werk heeft, ligt op het hoogste niveau in zeven jaar tijd. De afspraken met werkgevers over meer banen voor mensen met een arbeidsbeperking worden voortvarend uitgevoerd. De arbeidsparticipatie groeit ook doordat steeds meer Nederlanders actief mee willen en kunnen doen op de arbeidsmarkt. Dit betekent wel dat het aantal werklozen minder snel terugloopt dan gehoopt. Daarom heeft de aanpak van de werkloosheid - in het bijzonder de langdurige werkloosheid - nog steeds hoge prioriteit.

Met de sociale partners heeft de regering een aantal gerichte maatregelen afgesproken. Zo worden de regels voor seizoenswerk versoepeld en krijgen werkloze 50-plussers intensievere ondersteuning bij het vinden van werk. Het minimumjeugdloon vanaf 21 jaar wordt in twee stappen afgeschaft, omdat jongeren ook een volwaardig loon verdienen. Werkgevers krijgen hiervoor compensatie om negatieve effecten voor de werkgelegenheid tegen te gaan.

De risico's en onzekerheden voor onze open en internationaal georiënteerde economie komen vooral uit het buitenland. Lagere groeicijfers in grote opkomende markten als China en Brazilië hebben hun weerslag op ons. Er zijn door de aangekondigde brexit ook nieuwe onzekerheden in Europa, die Nederland rechtstreeks raken. Het Verenigd Koninkrijk is een belangrijke handelspartner en de brexit kost banen, ook in ons land. Het doel van de regering is dat de economische relaties sterk blijven.

Voor de open Nederlandse economie is samenwerking in Europa cruciaal. Nederland blijft zich in de Europese Unie richten op groei en banen. Een stabiele euro, een krachtige en slagvaardige bankenunie en een sterke en eerlijke interne Europese markt, met een gelijk loon voor hetzelfde werk op dezelfde plek, zijn direct in het belang van ons land.

Door de positieve financieel-economische ontwikkelingen ontstaat langzaam maar zeker weer ruimte voor groei van inkomens en voor gerichte investeringen in de toekomst. Het is verheugend dat de koopkracht dit jaar en komend jaar opnieuw groeit voor werkenden, ouderen en mensen met een uitkering. Zo zorgt de regering opnieuw voor een evenwichtige koopkrachtverdeling. De zorgtoeslag gaat omhoog. Met een impuls van 200 miljoen euro wordt voor jonge ouders de drempel verlaagd om gebruik te maken van de kinderopvang, waardoor het gemakkelijker wordt om werk en gezin te combineren. Het is belangrijk dat kinderen die dreigen op te groeien in armoede deel kunnen nemen aan schoolreisjes, lid kunnen worden van een sportclub en de mogelijkheid krijgen op muziekles te gaan. Daarvoor komt 100 miljoen euro beschikbaar. Voorgenomen bezuinigingen in de langdurige ouderen- en gehandicaptenzorg ter grootte van een half miljard euro worden geschrapt. In het onderwijs komt extra geld beschikbaar om gelijke kansen te bevorderen. De tegemoetkoming voor specifieke schoolkosten in het mbo, bijvoorbeeld voor werkkleding, gereedschap en software, gaat omhoog.

Grote investeringen in energietransitie, verduurzaming, bereikbaarheid en onderwijs zijn gewenst. Ook het midden- en kleinbedrijf moet financiering kunnen krijgen voor nieuwe groei. De regering komt met voorstellen om deze investeringen waar nodig beter te ondersteunen.
Investeren in de toekomst betekent ook problemen aanpakken zoals die zich voordoen in het aardbevingsgebied in de provincie Groningen. De gevolgen zijn ingrijpend en de regering wil samen met alle getroffen Groningers werken aan oplossingen. Door de gaswinning te halveren ten opzichte van 2012 en woningen en andere gebouwen te versterken, worden veiligheidsrisico's beperkt.

De gevolgen van de klimaatverandering nopen tot forse investeringen en innovaties in duurzame energiebronnen, zoals wind, water en zonlicht. Afspraken over een betaalbare en schone energievoorziening zijn vastgelegd in het Energieakkoord. Deze ontwikkeling is niet alleen goed voor het milieu, maar levert ook banen op en kansen voor het Nederlandse bedrijfsleven.

Vanwege de veiligheidssituatie, dichtbij en elders in de wereld, trekt de regering in 2017 opnieuw extra geld uit voor de krijgsmacht, de politie, de rechtspraak en het Openbaar Ministerie. Sinds 2014 is het defensiebudget stapsgewijs verhoogd, oplopend tot structureel 870 miljoen euro extra in 2020.

De criminaliteitscijfers in Nederland dalen gestaag en de regering blijft investeren in verbetering van de veiligheid. Met de begroting voor 2016 kwam voor veiligheid al een structureel bedrag van 250 miljoen euro extra beschikbaar. Vanaf 2017 komt daar structureel 450 miljoen euro bij. Hierdoor krijgen de mensen die zich iedere dag opnieuw inzetten voor onze veiligheid meer ruimte voor de uitvoering van hun taken: van de wijkagent tot speciale eenheden voor contraterrorisme, van de officier van justitie tot de gevangenisbewaarder.

In het achter ons liggende jaar werd de wereld opnieuw opgeschrikt door afschuwelijke jihadistische aanslagen, die onnoemelijk veel verdriet en menselijk leed veroorzaken. Onder andere Frankrijk, België, Duitsland en Turkije werden hard geraakt.

Wij mogen en zullen op geen enkele manier toestaan dat terroristen onze vrijheid, onze veiligheid en onze democratische waarden bedreigen. Het Actieprogramma Integrale Aanpak Jihadisme kent een mix van preventieve en repressieve maatregelen. Het kabinet wil de voedingsbodem voor radicalisering in Nederland wegnemen, onder andere door actief burgerschap op scholen te bevorderen. Uitreizen wordt moeilijker voor jihadgangers en hun uitkeringen worden stopgezet. Zij worden strafrechtelijk vervolgd en riskeren intrekking van het Nederlanderschap na een veroordeling.

Samenwerking in Europa bij de bestrijding van terrorisme is cruciaal. Binnen de Europese Unie werkt ons land intensief aan een betere informatie-uitwisseling tussen Europese inlichtingen- en opsporingsdiensten, gemeenschappelijke grensbewaking, de aanpak van financieringsstromen en verbetering van de cybersecurity.

Buiten Europa blijft Nederland met militaire, humanitaire en politieke middelen een bijdrage leveren aan de strijd tegen ISIS in de brandhaarden Syrië en Irak. Onze militairen en hulpverleners daar en elders op de wereld verrichten in moeilijke omstandigheden belangrijk werk ten dienste van internationale stabiliteit en mensen in verdrukking.

In nauwe samenwerking met de Caribische delen van het Koninkrijk heeft de regering succesvol campagne gevoerd voor het tijdelijke lidmaatschap van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties. Hervorming van de Verenigde Naties is voor de regering een belangrijk thema. Inhoudelijk ligt de prioriteit bij een geïntegreerde benadering van vrede, veiligheid en ontwikkeling, bij conflictpreventie en bij bescherming van burgers.

Oorlog en terreur drijven onschuldige mensen van huis en haard, een onzekere toekomst tegemoet. Tijdens het Nederlandse voorzitterschap van de Europese Unie in de eerste helft van 2016 is veel in gang gezet om de vluchtelingenstroom uit Syrië en andere kwetsbare landen onder controle te brengen. Dat beleid steunt op drie pijlers: wegnemen van redenen om te vluchten door het verbeteren van leefomstandigheden en tegengaan van geweld ter plekke, opvang in de regio, en bestrijden van mensensmokkel via levensgevaarlijke routes over zee. Nederland helpt onder andere met 260 miljoen euro voor verbetering van de opvang in de regio.

In maart 2016 zijn met de Turkse regering afspraken gemaakt om de vluchtelingenstroom in te dammen en beter te reguleren. Het aantal mensen dat op een afschuwelijke manier verdrinkt bij geïmproviseerde overtochten tussen Turkije en Griekenland en het aantal asielzoekers dat naar Europa komt, is hierdoor substantieel gedaald. De verdere uitvoering van deze afspraken vraagt in de komende periode de nodige aandacht.
Nederland is een land dat iedereen die daarvoor in aanmerking komt, de kans biedt te integreren in onze samenleving en iedereen die hier woont, zich thuis te laten voelen. Aan asielzoekers die naar Nederland komen, wordt een fatsoenlijke, maar sobere opvang geboden. Vorig jaar is dat gelukt dankzij de inspanningen van gemeenten, hulpinstanties en veel vrijwilligers. Wie in Nederland een toekomst wil opbouwen, moet bereid zijn de taal te leren en een actieve bijdrage te leveren. We verwachten dat iedereen zich bewust en positief verbindt aan ons land en onze manier van leven. De verplichte participatieverklaring treedt in 2017 in werking. Participatie en integratie worden onder meer bevorderd door asielzoekers in de gelegenheid te stellen vrijwilligerswerk te doen.

Het past bij het karakter van Nederland dat in veel wijken en gemeenten allerlei particuliere initiatieven worden genomen om asielzoekers bij de samenleving te betrekken. Tegelijk is het logisch dat in de samenleving ongerustheid bestaat over de komst van grote groepen vluchtelingen. We vragen ons af of de verschillen in cultuur en normen en waarden niet te groot zijn en voorzieningen niet te zeer onder druk komen te staan.
In Nederland is lang gestreden voor een aantal democratische waarden, waaronder de scheiding van kerk en staat, de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van godsdienst. In ons land zijn mannen en vrouwen gelijk voor de wet en maken we geen onderscheid naar ras, geloof of seksuele geaardheid. Iedereen die in ons land wil wonen, moet deze waarden respecteren en naleven. Van niemand wordt gevraagd de eigen herkomst of cultuur te verloochenen, maar aan grondwettelijk vastgelegde normen kan niet worden getornd en tegen intimidatie en geweld wordt hard opgetreden.

Leden van de Staten-Generaal,
Nederland is een sterk land in een instabiele wereld. In de laatste jaren zijn gezamenlijk resultaten bereikt die maken dat wij met vertrouwen vooruit mogen kijken. Het is niet verstandig om de problemen en internationale onzekerheden waarvoor Nederland zich gesteld ziet, te onderschatten. Maar de geschiedenis leert ons dat 'bestendige vooruitgang' mogelijk is door samen toe te werken naar oplossingen, in eigen land en met onze internationale partners.

Dit tekent ook uw werk in het parlementaire jaar dat vandaag begint. U mag zich gesteund weten door het besef dat velen u wijsheid toewensen en met mij om kracht en Gods zegen voor u bidden.

Nieuwsbericht 2016

Lees meer informatie over Prinsjesdag 20 september 2016.

Video Troonrede 2015

Koning Willem-Alexander spreekt de Troonrede 2015 uit

Leden van de Staten-Generaal,

Nederlanders zijn steeds in staat de bakens te verzetten als omstandigheden daarom vragen. Tijdens de crisis van de afgelopen jaren hebben we die kracht opnieuw gezien. En met resultaat. De economie is weer aan het groeien. Dankzij de inzet en het doorzettingsvermogen van ondernemers, werknemers en veel anderen in de samenleving staat Nederland er in sociaal-economisch opzicht relatief goed voor. Het herstel wordt niet alleen gedragen door de export, maar ook door factoren als een groeiende consumptie, aantrekkende bedrijfsinvesteringen en een krachtig herstel in belangrijke sectoren als de bouw en de woningmarkt. Voor het eerst in lange tijd komen de groeiprognoses weer boven de twee procent en ontwikkelen de overheidsfinanciën zich in de goede richting.

Bij al deze redenen om de toekomst positief en met vertrouwen tegemoet te zien, is er geen aanleiding om achterover te leunen. De werkloosheid is nog te hoog. Het aantal banen neemt weliswaar toe, maar te veel mensen kunnen nog geen werk vinden.

Met de voorgenomen veranderingen in het belastingstelsel wil de regering een impuls geven aan banengroei en de koopkracht van mensen. De loonkosten voor werknemers die het minimumloon of net iets meer verdienen, worden verlaagd. Daarmee wordt het financieel aantrekkelijker om bijvoorbeeld schoonmakers, onderwijsassistenten en caissières in dienst te nemen of te houden. Een lagere inkomstenbelasting stimuleert de consumptie en daarmee de werkgelegenheid. Hierdoor, en door de beschikbare loonruimte in de private en publieke sector, wordt koopkrachtverbetering mogelijk voor alle werkenden. Voor gepensioneerden en mensen met een uitkering blijft de koopkracht op peil.

Het is belangrijk dat iedereen het herstel gaat voelen, zodat mensen weer met groeiend optimisme naar de toekomst durven kijken. Nederland is van oudsher een land met een evenwichtige inkomensverdeling en een grote, sterke middenklasse. Generaties groeiden op in de overtuiging dat zij zichzelf konden verbeteren door te ondernemen, te studeren, te werken en maatschappelijk actief te zijn. Nu de economie aantrekt en er voorzichtig ruimte ontstaat voor herstel van koopkracht en werkgelegenheid, kan het vertrouwen terugkeren dat ook toekomstige generaties het beter krijgen.

De regering draagt daaraan bij door de kwaliteit en toegankelijkheid van voorzieningen zeker te stellen. In Nederland moeten mensen kunnen rekenen op goede zorg, hoogwaardig en toegankelijk onderwijs, adequate sociale voorzieningen en een solide pensioenstelsel. Samen met een goed functionerende woningmarkt en arbeidsmarkt stelt dit mensen in staat vorm te geven aan hun toekomst. De noodzakelijke hervormingen van de laatste jaren zijn hierop gericht. Ze zijn met breed politiek draagvlak tot stand gekomen en komen tegemoet aan de behoefte aan keuzevrijheid, zelfstandigheid en maatwerk.

Veel maatregelen zijn net ingegaan. De grote opgave is nu om ze goed en zorgvuldig uit te voeren, met aandacht voor onbedoelde en ongewenste gevolgen, zeker voor de meest kwetsbaren. De regering werkt daar de komende jaren intensief aan. Waar mensen in de knel komen, zijn aanpassingen nodig, zoals bij het persoonsgebonden budget.

Iedereen wil gezond en zelfstandig oud worden. Als dat op enig moment niet meer kan, willen mensen kunnen rekenen op goede ondersteuning en zorg, voor een waardige oude dag. Er komt structureel 210 miljoen euro beschikbaar om de zorg in de verpleeghuizen te verbeteren en ruimte te maken voor meer persoonlijke aandacht.

Dit najaar presenteert de regering een werkprogramma waarin zij de plannen voor het toekomstige pensioenstelsel verder uitwerkt. Het is belangrijk dat alle werkenden de mogelijkheid hebben een goed pensioen op te bouwen. Het stelsel kan transparanter, eenvoudiger en persoonlijker worden, met een juiste balans tussen keuzevrijheid en risicodeling.

Jonge ouders krijgen in een veeleisende periode van hun leven meer ruimte om werk en gezin te combineren. De kinderopvangtoeslag gaat omhoog. Er komen extra plekken voor peuteropvang die betaalbaar zijn voor alle ouders. Het bevallingsverlof voor vaders wordt verlengd.

Een belangrijk resultaat van het hervormingsbeleid is dat het hoger onderwijs er ongeveer 4000 docenten bij krijgt en nog enkele honderden onderzoekers met een onderwijstaak. Voor studenten betekent het fors meer persoonlijke aandacht, intensievere begeleiding en een betere entree op de arbeidsmarkt. Deze investering in onderwijskwaliteit wordt betaald uit geld dat vrijkomt door de invoering van het studievoorschot voor studenten.

In november 2015 presenteert de regering de Nationale Wetenschapsagenda, die wordt opgesteld in nauwe samenwerking met topwetenschappers en vooraanstaande ondernemers. Het doel is om de sterke punten van de Nederlandse wetenschap uit te bouwen en keuzes te maken die zorgen voor een herkenbaarder profiel van instellingen. Dit geeft niet alleen een impuls aan de internationale positie van onze universiteiten, maar ook aan de innovatie- en concurrentiekracht van onze industrie en andere kennisintensieve sectoren.

Al deze maatregelen, hervormingen en investeringen dragen bij aan verder economisch herstel en aan het behoud van de hoge kwaliteit van de Nederlandse samenleving. Die kwaliteit heeft ook een immateriële kant. Mensen maken zich zorgen over onderwerpen als de verruwing in de samenleving en de onderlinge omgangsvormen. In Nederland gaan tolerantie en veel ruimte voor het individu traditioneel samen met een sterk ontwikkelde solidariteit en onderlinge betrokkenheid. Die gedeelde waarden vertegenwoordigen een groot maatschappelijk kapitaal. Ze zorgen ervoor dat alle inwoners van het Koninkrijk zich in vrijheid kunnen ontplooien, zich beschermd weten en zich thuis kunnen voelen. Deze gekoesterde manier van leven staat ook centraal tijdens de gezamenlijke viering van 200 jaar Koninkrijk. Samen met de Caribische delen van het Koninkrijk blijft Nederland werken aan een goede toekomst.

De overheid heeft een voorbeeldfunctie bij het uitdragen van gedeelde waarden. De integriteit van het openbaar bestuur mag niet ter discussie staan. De overheid stelt regels en handhaaft die om de openbare orde en veiligheid te bewaken. Waar onder- en bovenwereld vermengd raken, wordt dit aangepakt. Daarvoor komt extra geld beschikbaar.

Waarden zijn echter niet alleen een zaak van de overheid, maar ook van alle inwoners van ons land. Wie het eigen belang of de eigen overtuigingen boven alles stelt, beperkt de ruimte voor een ander en zet collectieve waarden en verworvenheden onder druk. Juist de normale en respectvolle omgang met elkaar vraagt om alertheid en een actieve houding van ieder van ons, zoals dat past in de lange Nederlandse traditie van verantwoordelijk burgerschap. Dit geldt zeker wanneer agenten, wegwerkers, ambulanceverpleegkundigen en anderen die met hart en ziel werken voor de publieke zaak, te maken krijgen met verbaal of fysiek geweld.

De dreiging van radicalisering en terroristische aanslagen in Europa zet de samenleving onder druk. Hierdoor komt niet alleen de veiligheid van mensen in het geding, het is ook een voedingsbodem voor onderling wantrouwen en een gevaar voor de sociale cohesie in ons land. We moeten voorkomen dat conflicten in het buitenland een polariserend effect hebben in onze samenleving. Het is cruciaal dat we ons tegen deze dreiging wapenen. Het kabinet reserveert daarom structureel extra geld om de operationele taak van de veiligheidsdiensten, het verzamelen en analyseren van informatie, en het preventiebeleid te versterken.

De dreiging van een terroristische aanslag is geen geïsoleerd probleem, maar een direct gevolg van de opkomst van jihadistische stromingen in Syrië, Irak en andere landen in het Midden-Oosten en Noord-Afrika. Daarnaast is de instabiliteit in de ring rond Europa in het afgelopen jaar verder toegenomen door de Russische annexatie van de Krim en het conflict in Oost-Oekraïne. Ook andere brandhaarden bedreigen de internationale rechtsorde, bijvoorbeeld in Mali, Jemen en Afghanistan. Al deze ontwikkelingen raken direct en indirect aan onze veiligheid en vrijheid.

Het meest prangend is de situatie van de grote aantallen mensen die in vaak onveilige en overvolle boten en op andere manieren naar Europa gaan om hier asiel te vragen. De schrijnende beelden van mensen op drift die dagelijks tot ons komen vanuit onder meer Kos en Calais, leggen een scala aan problemen en persoonlijk leed bloot, waarvoor geen gemakkelijke en snelle oplossingen bestaan. Deze problemen zijn ontstaan door militaire conflicten, politieke instabiliteit, schendingen van mensenrechten, armoede en gebrek aan kansen en toekomst.

De vluchtelingenstroom groeit en duldt geen afwachtende houding. De huidige situatie creëert spanningen in Europa. Dit vraagt om scherpe keuzes voor beperking van de instroom en een betere verdeling over de lidstaten. Er is een integrale aanpak nodig die rekening houdt met alle relevante factoren. Het gaat dan onder meer om internationale conflictbeheersing, opvang in de regio, het tegengaan van mensensmokkel, een strenge maar rechtvaardige asielprocedure in elk land, een effectief terugkeerbeleid en perspectief op integratie voor mensen die niet kunnen terugkeren naar het land van herkomst. Alleen zo kan recht worden gedaan aan het humanitaire aspect en aan het maatschappelijk draagvlak in Nederland en andere Europese landen.

De regering kiest in het buitenlands beleid met overtuiging voor internationale samenwerking en een geïntegreerde aanpak, onder andere in EU-, NAVO- en VN-verband. Militaire en juridische acties moeten samengaan met samenlevingsopbouw, versterking van de rechtsstaat, diplomatie in de regio, noodhulp en handelsbevordering.

Voor de NAVO geldt dat de lidstaten ervoor willen zorgen dat het bondgenootschap sneller in staat is op dreigingen vanuit iedere windrichting te reageren. Daarvoor zijn aanpassingen nodig; in de politieke besluitvorming en in militair opzicht. De regering stelt vanaf 2016 structureel extra geld beschikbaar voor de krijgsmacht, van 220 miljoen euro volgend jaar tot 345 miljoen in latere jaren. Dit geld wordt onder meer besteed aan verdere verbetering van de operationele inzetbaarheid. Daarnaast komt er structureel extra geld beschikbaar voor de Nederlandse deelname aan militaire missies. De manier waarop Nederlandse militairen zich inzetten voor vrede en veiligheid, maakt indruk en wekt bewondering.

Veiligheid en migratie zijn twee internationale hoofdthema’s die ook het Nederlandse EU-voorzitterschap in de eerste helft van 2016 zullen tekenen. Als voorzitter wil Nederland een pragmatische bruggenbouwer zijn. Alleen samen zijn we in staat onze collectieve veiligheid te garanderen, onze gedeelde waarden te beschermen en het welzijn en de welvaart van de inwoners van Europa het best te dienen. Voor ons land zijn economische groei en zoveel mogelijk nieuwe en volwaardige banen belangrijke aandachtspunten. Daarvoor is een innovatief Europa nodig met een goed functionerende interne markt en open handelsrelaties met de rest van de wereld. Andere onderwerpen die tijdens het voorzitterschap aandacht zullen vragen, zijn de positie van Griekenland en het Britse referendum over het lidmaatschap van de EU. Het uitgangspunt van de regering blijft een Europa dat beter functioneert en zich richt op hoofdzaken.

Een belangrijk podium waarop de EU zich als eenheid moet presenteren, is de VN-klimaattop in Parijs in december 2015. Samen met de andere EU-lidstaten is de Nederlandse inzet gericht op een aanzienlijke vermindering van de uitstoot van schadelijke stoffen ten opzichte van het niveau van 1990. Nederlandse multinationals hebben nu al een internationale voorbeeldfunctie op het terrein van duurzame bedrijfsvoering, kennis en kunde. De regering stelt bedrijven in staat fiscaal aantrekkelijker te investeren in milieuvriendelijke technieken.

Tegengaan van klimaatverandering en verduurzaming van de economie zijn grote, overkoepelende thema’s. De gevolgen voor toekomstige generaties zijn heel direct en concreet. Dat geldt zeker voor ons land, dat voor een groot deel onder de zeespiegel ligt. Waterveiligheid heeft daarom hoge prioriteit. Op veel locaties wordt de komende jaren gewerkt aan versterking van dijken en duingebieden. Dat gebeurt vaak op de meest innovatieve manieren. Zo worden bij de vernieuwing van de Afsluitdijk veiligheid, natuurontwikkeling en energieopwekking gecombineerd. Projecten als deze verstevigen de goede internationale reputatie en positie van onze watersector en leveren een bijdrage aan onze toekomstige energievoorziening.

Eerder dit jaar is besloten minder gas te winnen in Groningen vanwege de aardbevingen. De Nationaal Coördinator Groningen stelt samen met de inwoners van het gebied een plan op voor de versterking van woningen. De verminderde beschikbaarheid van gas maakt de afspraken uit het Energieakkoord over de ontwikkeling van nieuwe vormen van energie extra belangrijk. In december 2015 brengt het kabinet een rapport uit met een strategische visie op de energievoorziening in Nederland.

Leden van de Staten-Generaal,

Nederland is een stabiel en aantrekkelijk land om in te leven. Ervoor zorgen dat dit zo blijft, vraagt om ieders inzet en om blijvend investeren in de samenleving. In een instabiele internationale omgeving en een samenleving in verandering dienen zich continu nieuwe vraagstukken aan. De komende periode staat voor de regering in het teken van bijdragen aan internationale stabiliteit en werken aan verder economisch herstel, aan groei van de werkgelegenheid en aan een goede uitvoering van de ingezette hervormingen. Zo blijft Nederland een land dat iedereen kansen en vertrouwen in de toekomst biedt. Daaraan werkt de regering samen met u. U mag zich gesteund weten door het besef dat velen u wijsheid toewensen en met mij om kracht en Gods zegen voor u bidden.

Nieuwsbericht 2015

Lees meer informatie over Prinsjesdag 15 september 2015.

Video Troonrede 2014

Koning Willem-Alexander spreekt de Troonrede 2014 uit

Leden van de Staten-Generaal,

In de zomer van 2014 bleek andermaal dat vrijheid en veiligheid kwetsbaar zijn - ook in ons deel van de wereld, ook in Nederland. Op 17 juli trof een verschrikkelijk lot de 298 inzittenden van vlucht MH17, onder wie 196 landgenoten. Daardoor wordt de feestelijke traditie van Prinsjesdag dit jaar omgeven door een rouwrand van verdriet. De vliegramp boven Oekraïens grondgebied heeft velen direct geraakt, ook in uw verenigde vergadering, en ons allen diep geschokt. In heel het land waren mensen zichtbaar één, in stilte en rouw. Die betrokkenheid en saamhorigheid bieden troost aan iedereen die een groot persoonlijk verlies moet verwerken.

De ramp met MH17 en de situatie in Oekraïne en het Midden-Oosten maken duidelijk hoe in de wereld van vandaag alles met alles samenhangt. Wij leven in een open en internationaal georiënteerd land dat door persoonlijke, economische, politieke en culturele banden actief deel uitmaakt van de wereldgemeenschap. Dat brengt ons veel goeds, maar het gaat ook gepaard met reële risico's en kwetsbaarheden. Conflicten die zich duizenden kilometers ver weg afspelen, roepen in ons land emoties en reacties op. Dat is niet nieuw, maar in een tijd waarin iedereen de wereld via de smartphone in zijn hand heeft, is de maatschappelijke impact groter en sneller merkbaar.

De situatie in Noord-Irak, Syrië en Gaza leidt in ons land tot spanningen en tot gevoelens van onmacht en onveiligheid. De haat die elders in de wereld mensen in het verderf stort, mag niet overslaan naar onze straten. Ook in economisch opzicht hebben geopolitieke ontwikkelingen direct hun weerslag op onze samenleving. Een recent voorbeeld zijn de negatieve gevolgen voor het Nederlandse bedrijfsleven van de wederzijdse economische sancties van de Europese Unie en Rusland. De veerkracht van de samenleving en de economie wordt door dit alles op de proef gesteld. Om daar tegenwicht aan te bieden, zijn een vaste koers en duidelijke keuzes nodig. De regering is dankbaar dat hiervoor politiek en maatschappelijk draagvlak bestaat, en zij blijft daaraan werken.

De regering staat pal voor de grondrechten en vrijheden van mensen en grijpt in als grenzen worden overschreden. Haat zaaien, dreigen met geweld of discriminatie van bevolkingsgroepen zal onder geen enkele omstandigheid worden getolereerd. Iedere inwoner van ons land moet zich veilig en beschermd weten. Iedere inwoner van ons land moet zich vrij voelen om uit te komen voor zijn of haar geloof, geaardheid en levensovertuiging. Het tegengaan van extremisme en intolerantie is een kerntaak van de overheid. Veel kracht komt uit de samenleving zelf. Ouders, scholen, sportclubs en andere partijen zijn nodig om radicalisering te voorkomen. Nederland is op dit vlak weerbaar, bouwend op een lange traditie van vrijheid en saamhorigheid.

Bescherming van de Nederlandse rechtsstaat is niet alleen een binnenlandse aangelegenheid. Een actief buitenlands beleid, gericht op vrede en veiligheid in landen en regio's waar deze in het gedrang zijn, is relevant en in ons belang. Die verantwoordelijkheid kunnen we alleen waarmaken in nauwe samenwerking met onze internationale partners in de Europese Unie, de NAVO en de Verenigde Naties. Nederland is zich van oudsher zeer van die opdracht bewust. Niet voor niets staat bevordering van de internationale rechtsorde in onze Grondwet. Aan die opdracht wordt vorm en inhoud gegeven door mensen en middelen beschikbaar te stellen voor missies zoals die in Mali en de antipiraterijmissie voor de Afrikaanse kust. Alle uitgezonden Nederlandse militairen verdienen groot respect.

Met het oog op de toenemende spanningen in de wereld en de verantwoordelijkheden die daaruit voortvloeien, verhoogt de regering de defensie-uitgaven. Het budget groeit structureel met 100 miljoen extra per jaar. Dit is een trendbreuk met het verleden. Ook stelt de regering eenmalig extra geld beschikbaar voor internationale noodhulp en de opvang van vluchtelingen in de regio. Zo geeft Nederland steun aan de grote groep ontheemden die van huis en haard worden verdreven om wie ze zijn of om wat ze geloven. Nieuwe dreigingen zoals de uitbraak van het ebolavirus in West-Afrika vragen een internationale aanpak en noodhulp ter plaatse, om verdere verspreiding tegen te gaan.

In eigen land werkt de regering aan structureel herstel en groei van de economie en werkgelegenheid. Daarvoor zijn nodig: gezonde overheidsfinanciën, een evenwichtige inkomensverdeling, een houdbaar stelsel van sociale en oudedagsvoorzieningen, een goed functionerende arbeidsmarkt en woningmarkt, een toekomstgericht onderwijsstelsel en betaalbare en toegankelijke zorg. Het oog van de regering is daarbij ook gericht op samenwerking met de Caribische delen van het Koninkrijk, om daar eveneens een duurzame ontwikkeling van de samenleving te bevorderen.

Toegang tot goede zorg is voor veel Nederlanders het bewijs van de kwaliteit van de samenleving. Nederland heeft een van de beste en meest toegankelijke zorgstelsels ter wereld. Het is in het belang van alle mensen in ons land dat dit zo blijft. Goede zorg is een onmisbare basisvoorziening. Feit is dat de kosten van onze zorg harder groeien dan onze economie. Daarom zijn met alle partijen uit de zorg afspraken gemaakt over vergroting van het kostenbewustzijn, tegengaan van verspilling en de aanpak van fraude. Zo worden besparingen bereikt met behoud van kwaliteit. De kostenontwikkeling valt dit jaar voor het eerst sinds vele jaren mee ten opzichte van de oorspronkelijke ramingen. Die gingen uit van een stijging met 16 miljard euro tussen 2013 en 2017. Door het ingezette beleid zal de stijging per saldo uitkomen op 6 miljard euro.

Per 1 januari 2015 gaan taken in de thuiszorg en de jeugdzorg en voorzieningen voor mensen met een arbeidsbeperking over naar gemeenten. Door dit dicht bij mensen te organiseren, wordt bureaucratie aangepakt en kan beter rekening worden gehouden met specifieke behoeftes en voorkeuren. Het doel is een flexibel stelsel van goede en toegankelijke voorzieningen dat aansluit bij de behoeftes en keuzevrijheid van het individu. Ook zo versterken we de veerkracht van Nederland.

Overheden en bedrijven spannen zich in 2015 in om zoveel mogelijk mensen met een arbeidsbeperking in een reguliere baan aan de slag te krijgen. Voorzieningen in de thuiszorg en de jeugdzorg blijven beschikbaar, maar mensen krijgen wel te maken met andere voorwaarden en aanpassingen in de dienstverlening. Dat vraagt veel van hen en kan tot onzekerheid leiden. Juist daarom is alles erop gericht deze veranderingen de komende jaren in goede banen te leiden. Door het verstrekken van een toelage voor huishoudelijke hulp houden veel medewerkers hun baan en blijven zij het vertrouwde gezicht voor hun cliënten. In het besef dat bij een operatie van deze omvang niet alles foutloos kan verlopen, zet de regering zich intensief in om invoeringsproblemen tot een minimum te beperken, samen met de gemeenten en samen met de mensen en organisaties die voorzieningen verzorgen en ontvangen. Daarvoor is in 2015 400 miljoen euro extra beschikbaar. De energie en daadkracht waarmee aan deze grote veranderingen wordt gewerkt, verdienen waardering en boezemen vertrouwen in.

De Nederlandse economie toont zich veerkrachtig. Het is hoopgevend dat, na een aantal jaren van krimp en stijgende werkloosheid, ons land voorzichtig weer de weg omhoog vindt. Het overheidstekort daalt in 2015 naar verwachting tot 2,2 procent van het bruto binnenlands product. Daarom zijn geen nieuwe bezuinigingen nodig en hoeft voor ongeveer een miljard euro aan eerder voorgenomen lastenverzwaringen voor burgers niet te worden doorgevoerd.

In 2015 wordt de loonbijstelling in de publieke sector volledig uitgekeerd. Na een nullijn van jaren kunnen de inkomens van leraren, politieagenten, militairen en ander overheidspersoneel weer meestijgen met de loonontwikkeling in de markt.

In vergelijking met veel andere landen blijft de economische uitgangspositie van ons land sterk. Met een blik op mondiaal toonaangevende topsectoren als landbouw en voedsel, logistiek, de creatieve industrie en water is er zeker reden tot optimisme. Tegelijkertijd is het economisch herstel in ons land broos en afhankelijk van economische ontwikkelingen in de rest van de wereld, vooral in belangrijke partnerlanden in de Europese Unie.

Het grootste zorgpunt van de regering is en blijft de hoge werkloosheid, die veel mensen en hun families direct treft. Daar ligt voor de regering de allerhoogste prioriteit. Mensen die hun baan verliezen of dreigen te verliezen, krijgen zoveel mogelijk middelen aangereikt om aan de slag te blijven of een nieuwe baan te vinden.

De overheid blijft zich, samen met de onderwijssector, vakbeweging en bedrijven, inspannen voor scholing en begeleiding van werk naar werk, en voor meer leer-werktrajecten specifiek voor jongeren. Een extra maatregel die op korte termijn effect kan hebben, is verruiming van de mogelijkheden om tijdelijk te werken of een kansrijke technische opleiding te volgen met behoud van een WW-uitkering. Deze zogeheten brug-WW verkleint de risico's voor werkgevers bij het in dienst nemen van medewerkers en verhoogt de kans op werk voor hen die al langere tijd thuiszitten. Verder wordt het recht op kinderopvangtoeslag bij ontslag met drie maanden verlengd tot een half jaar. Daardoor kunnen mensen zich voor een langere periode volledig richten op het vinden van een nieuwe baan. Het lage btw-tarief voor de bouw wordt verlengd tot 1 juli 2015, als impuls voor de werkgelegenheid in de bouw.

Het stimuleren en benutten van jong talent is cruciaal voor toekomstige economische groei. De afgelopen jaren heeft de regering forse stappen gezet om de kwaliteit van het onderwijs en het onderwijspersoneel te verhogen en de aansluiting tussen het beroepsonderwijs en de arbeidsmarkt te verbeteren. Met de hervorming van de studiefinanciering en de introductie van het studievoorschot komt op termijn 1 miljard euro vrij voor beter hoger onderwijs. Dit geld wordt onder andere ingezet voor meer contacturen, intensievere begeleiding van studenten en het bevorderen van excellentie. De ov-kaart blijft bestaan en komt beschikbaar voor alle mbo'ers. In aansluiting op gemaakte afspraken met de onderwijssectoren investeert de regering daarnaast extra in het primair, voortgezet en beroepsonderwijs. Daarbij staat werken aan vakmanschap centraal, met veel aandacht voor de leraar zelf, maar bijvoorbeeld ook door een eigentijds meester-gezelsysteem in het mbo te ontwikkelen.

Om de innovatiekracht van ons land te versterken, stelt de regering een 'toekomstfonds' in voor kredietverlening aan innovatieve mkb'ers. De rendementen van het fonds komen beschikbaar voor uitgaven aan fundamenteel en toegepast onderzoek. Deltatechnologie is een van de innovatieve sectoren waarin ons land internationaal koploper is. De fysieke bescherming van ons land tegen het water kent een lange traditie. Het Deltaplan dat tegelijk met de begroting van 2015 wordt gepresenteerd, maakt ons land veiliger en geeft de Nederlandse watersector een stevige impuls.

De aanpak van onnodige regels die ondernemers en particulieren in de weg zitten, blijft een belangrijke doelstelling van het regeringsbeleid. In het nieuwe parlementaire jaar wordt besloten over de Omgevingswet, die procedures rond de bouw van woningen, kantoren en infrastructuur sterk vereenvoudigt en versnelt.

Voor de langere termijn werkt de regering aan een herziening van het belastingstelsel. De doelstelling is tweeledig: een forse vereenvoudiging en het stimuleren van werkgelegenheid. Dat laatste kan door de lasten op arbeid te verlagen. De inzet van de regering is dat hierdoor de baankans van mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt groeit en dat iedereen die werk vindt er ook echt op vooruit gaat. Voor kleine ondernemers wordt het aantrekkelijker om mensen in dienst te nemen.

Nederland is een exportland en veel buitenlandse bedrijven zijn hier gevestigd. Binnenlandse groei en banen ontstaan voor een groot deel in het buitenland. De regering wil daarom het beleid gericht op een aantrekkelijk investeringsklimaat en actieve ondersteuning van het exporterende bedrijfsleven versterken. De ambitieuze agenda met handelsmissies wordt met kracht doorgezet. Exportkredieten worden meer gericht op opkomende economieën en bedrijven krijgen makkelijker toegang tot deze kredieten.

In Europees verband blijft de regering zich inzetten voor versterking van de interne markt en voor begrotingsdiscipline en structuurversterkende maatregelen binnen de lidstaten. Dit zijn basisvoorwaarden voor een sterke Europese economie. Kansen op economische groei liggen onder meer op het terrein van de digitale markt, de energiemarkt en de lopende onderhandelingen over vrijhandelsakkoorden met de Verenigde Staten en andere landen.

Europese samenwerking moet gericht zijn op die terreinen waar gezamenlijk optreden echt waarde toevoegt. Dat is ook de kern van de strategische agenda voor de komende vijf jaar, die als uitgangspunt dient voor het werkprogramma voor de nieuwe Europese Commissie. Daarin zijn belangrijke grensoverschrijdende thema's opgenomen als de interne markt, het energie- en klimaatbeleid en de aanpak van de georganiseerde misdaad, inclusief cybercrime. Eerlijk werk in Europa vraagt om gelijk loon voor gelijk werk binnen iedere lidstaat. De regering maakt zich daar hard voor en zal de strijd tegen schijnconstructies opvoeren.

Leden van de Staten-Generaal,

Dit jaar vieren we tweehonderd jaar Prinsjesdag. Ons land heeft zich in die twee eeuwen steeds veerkrachtig en saamhorig getoond als omstandigheden daarom vroegen - ook deze zomer weer. De regering blijft vastberaden werken aan een vitale en weerbare samenleving, economisch herstel en groei van de werkgelegenheid. De ingezette hervormingen leggen een fundament onder de toekomst van ons land. Het werken aan deze opdracht vindt plaats in een turbulente en onzekere internationale omgeving en in het besef dat vrijheid, veiligheid en welvaart nauw met elkaar verbonden zijn. Ook uw werk zal daar in het nieuwe parlementaire jaar door worden getekend. U mag zich gesteund weten door het besef dat velen u wijsheid toewensen en met mij om kracht en Gods zegen voor u bidden.

Nieuwsbericht 2014

Lees meer informatie over Prinsjesdag 16 september 2014.

Nieuwsbericht 2013

Lees meer informatie over Prinsjesdag 17 september 2013.